Licht in de nacht, daar schrok ik van als klein meisje. Ik kwam erachter wat het was en daarna werd het een veilig licht.
(afb van de vuurtoren Burgh Haamstede-Pexels-DiePhotoPotato)
Volledig transcript
Welkom bij de podcast 'Evenwicht, je leven'. De podcast over ons evenwicht in de breedste zin van het woord. Je luistert naar Paula Hijne. Dit is seizoen 12, aflevering 7: Lichtschijnsel.
En dan begin ik met een verhaal uit het boek: 'De 7 eigenschappen van effectief leiderschap' van Stephen Covey. In dat boek staat een verhaal wat is geschreven door Frank Koch:
‘Twee oorlogsschepen die voor de oefening deel uitmaakten van het eskader waren al dagen bezig met manoeuvres in zwaar weer. Op de brug van het schip dat het eskader aanvoerde stond ik op de uitkijk. Het was al avond. Flarden mist belemmerden een goed zicht. De kapitein bleef daarom zelf op de brug en hield alle bewegingen goed in de gaten. Vlak nadat de duisternis was ingevallen, meldde een wacht 'licht aan stuurboord.' 'Recht of niet', riep de kapitein? 'Recht kapitein', antwoordde de wacht. Er bestond gevaar voor een aanvaring. De kapitein riep tegen de seiner: 'Sein: aanvaring dreigt, verander uw koers 20 graden.' Er werd terug geseind: advies aan u, verander uw koers 20 graden. De kapitein zei: 'Sein: ik ben kapitein, verander uw koers 20 graden'. 'Ik ben stuurman 2e klas', was het antwoord, 'verander uw koers 20 graden'. De kapitein werd razend. Hij schreeuwde: 'Sein: dit is een oorlogsschip, verander uw koers 20 graden'. En daarop kwam het signaal: ‘Dit is een vuurtoren’. En wij veranderden van koers.’
Dit verhaal is een paradigmawisseling. Een paradigma is een soort referentiekader wat je hebt, een soort model, en dat verandert compleet! Op het moment dat je denkt nog steeds dat het een schip is -in dit geval bij deze kapitein- dan denk je dat die ander ook heen en weer kan gaan. Maar op het moment dat hij wist 'het is een vuurtoren', moest hij wel zelf veranderen. Dus hij had elke keer in z'n hoofd dat het een schip was! Door die omkeer, ja een vuurtoren, dan moet jij wel aan de kant.
Nou, dit verhaal gaat over vuurtorens. Gaat niet over paradigmawisselingen, maar over vuurtorens. Ik heb namelijk iets met vuurtorens. En dan niet om te beklimmen of te fotograferen. Nee, het gaat om het licht van de vuurtoren. En dat roept een beetje bijzondere gevoelens bij mij op. Dat komt, als klein meisje, ik denk dat ik een jaar of 3, 4 jaar was, gingen wij naar Renesse. In een klein vakantiehuisje. Vakantiehuisje, Renesse ligt in Zeeland, een beetje in de buurt van de zee. We gingen ook vaak naar de zee. En in dat huisje sliep ik boven in een stapelbed en dan keek ik uit door een klein raampje.
Toen we daar nog maar net waren, werd ik 's nachts wakker, en ik zag steeds licht in mijn kamer. Een beetje regelmatige lichtflitsen. Nou was ik als meisje vaak wel bang voor allerlei dingen, allerlei nieuwe dingen ook. Dingen die ik niet begreep. En ik begreep al wel dat die lichtflitsen waren niet van onweer. Maar wat dan wel? Ik vond dat raar! En ik vond het ook zo spannend dat ik toch mijn ouders wel riep. En mijn vader die kwam bij me en die vertelde dat dat het licht van de vuurtoren was. Vuurtoren... Wat was een vuurtoren?! Ik had geen enkel idee! Vuur is brand. En dat is eng.
De volgende dag zijn we naar de vuurtoren gegaan. Mijn vader wilde dat graag aan mij laten zien, want hij vond het ook helemaal niet fijn dat het mij bang maakte natuurlijk. En eenmaal dichtbij, keek ik op naar die reusachtige toren met het licht bovenin. Het was dan overdag, dus het licht kon ik niet zien. Maar mijn vader vertelde waarom dat nodig was. Het ging over ja, het was iets met schepen, scheepsroutes. En het voorkomen van het stranden van een schip. Ik begreep dat ook niet helemaal, maar ik snapte wel het belang van het licht. Die vuurtoren die liet niet voor niks zijn licht schijnen. Daarna keek ik er dus met andere ogen naar, naar dat schijnsel van dat vuurtorenlicht. Ja, we bleven daar een paar weken in dat huisje en dat werd een beetje een vertrouwd licht. Het was helemaal niets om bang voor te zijn.
En later, ik denk dat ik een jaar of 11, 12 was, gingen we naar een huisje op Terschelling. Vlakbij de Brandaris. De hele grote vuurtoren daar op dat eiland. En ook daar zag ik het licht steeds in mijn slaapkamer. Toen wist ik wat het was, dus het was helemaal niets om eng te vinden. Het voelde juist wel veilig! Het licht schijnt er om de schepen veilig te laten varen en de juiste route te laten volgen.
En een paar jaar geleden gingen we naar een huisje in Egmond aan Zee. Vanuit de slaapkamer van dat huisje, keken we naar de vuurtoren. Alweer! En ik vond het wel bijzonder, dat we alweer op een vuurtoren uit keken. Later, toen we naar Texel gingen en vaker naar Texel gingen, ook daar hebben we regelmatig de vuurtoren gezien. We gaan er ook heel vaak naartoe. Vlakbij de vuurtoren, gaan we rondom heen wandelen, gaan we naar het strand. En die vuurtoren zie je zelfs van kilometers afstand boven de duinen uit, kun je die zien. Ik denk dat ik ook meerdere keren wel het licht van de vuurtoren op Texel ook heb gezien, als we 's avonds laat nog door de duinen aan het wandelen waren.
Op de camping in Zeeland, daar kwamen we een aantal jaren geleden, kwamen we daar weer, daar zijn we vroeger ook wel geweest, maar toen is het me eigenlijk niet opgevallen. Maar toen we dus een paar jaar geleden op die camping weer kwamen, ging ik 's nachts naar het toilet en de hemel was helder en het was koel buiten. Je kon veel sterren zien. En ik zag daar steeds licht langs komen, net zo over de struiken heen. Beetje een regelmatig licht dat steeds weer te zien was. En op dat moment besefte ik: hé, dat is de vuurtoren van Westkapelle.
Elke nacht keek ik er naar uit. Dan hoopte ik ook dat het een heldere nacht zou zijn. Want dat licht, dat is dus kilometers ver te zien! En elke keer als ik dan 's nachts dat licht zag, dan doet me dat denken aan die allereerste kennismaking als klein meisje in dat stapelbed in Renesse in dat vakantiehuisje, door dat kleine raampje heen kijkend.
En dan valt me op, in mijn hele leven ben ik best vaak vuurtorens tegengekomen. En ik heb het even opgezocht. Als je dan weet dat al die vuurtorens op een andere manier licht maken. Je hebt daar die van West Schouwen. Dat is de vuurtoren in Haamstede, de allereerste die ook ooit gezien heb - die heeft 3 schitteringen per 15 seconden. En de Brandaris op Terschelling die heeft een schitterlicht om de 5 seconden. En die van Egmond aan Zee, dat is een ..ehm.. ja, heeft op een andere manier... heeft steeds 10 seconden licht en dan weer even niet, denk ik. Op een hele andere manier dan schitteringen.
Dan heb je die van Texel, Eierland. Dat is bij de Cocksdorp helemaal, maar ze noemen hem Eierland, die heeft 2 schitteringen per 10 seconden. En die bij Westkapelle, heet het Hoge Licht, die heeft een schitterlicht om de 3 seconden. En die van het Hoge Licht dat is het licht wat wij zien, want je hebt ook daar in Westkapelle het Lage Licht. Het Noorderhoofd is dat, maar die kunnen wij niet zien vanaf de camping, waar we dan steeds zitten.
En die schitteringen, ik dacht altijd dan dat die lamp dus zo draaide dat er allerlei schitteringen inzitten, maar het is andersom. Het is gewoon een vaste lamp en daarom heen zit een soort optiek. En de optiek is een soort in groepen verdeeld, die heeft een soort openingen en geen openingen en die draait er omheen! Die optiek die draait om de lamp heen en daardoor heb je steeds dat er dus een deel is waar een versterkt licht doorheen komt en bij een ander dat het dan tegengehouden wordt en dat veroorzaakt die schittering.
Dat wist ik eerst niet, als klein meisje. Ik dacht gewoon, het is één lamp. En ik denk dat het heel vroeger ook zo was. Dat het alleen maar één lamp was die altijd brandde. Maar op een gegeven moment zijn ze dan met die optieken gaan werken en dat heeft natuurlijk te maken om dan te herkennen welke vuurtoren het is. Als je langs de kust vaart en ze hebben allemaal hetzelfde licht dan weet je nog niet precies waar je bent. En aan die verschillende schitterlichten kun je dus bepalen welke vuurtoren, of eigenlijk bij welke plaats je in de buurt bent. Dus dat is wel heel handig bedacht.
Dat doet me ook denken aan het verhaal van Lampje. Lampje, dat is een boek van Annet Schaap, een kinderboek geschreven in 2017. En in 2018 kreeg dat de Woutertje Pieterse Prijs. Dat is ook bekroond met de Zilveren Griffel in 2018. Het is ook een muziekvoorstelling geweest. En in 2023 is er een vierdelige televisieserie van gemaakt, dus toen kon je de beelden er ook allemaal bij zien. En ik weet ook nog dat we die gezien hebben. Maar een klein stukje van het begin van het boek gaat dan ook speciaal over die vuurtoren. Het verhaal dus van Lampje en dat begint zo:
‘Een eiland dat nog een beetje vast zit aan het vasteland, als een losse tand aan een draadje, heet een schiereiland. Op dit schiereiland staat een vuurtoren. Een hoge, grijze die 's nachts zijn licht rond laat gaan over de kleine stad aan zee. Zo zorgt hij ervoor dat de schepen zich niet te pletter varen op de rots die daar zo onhandig ligt in het midden van de baai. Zo zorgt hij ervoor dat de nacht wat minder donker lijkt. En dat grote land, de wijde zee wat minder groot en wijd.
In het huis naast de toren woont de vuurtorenwachter Augustus met zijn dochter. En als het schemert, moet het licht van de vuurtoren al branden. En het meisje steekt het altijd aan. Iedere avond klimt ze de 61 treden op, maakt een roestig deurtje in de lenskap open, ontsteekt de pit, draait het mechaniek op dat de lens in het rond laat draaien, doet het deurtje dicht en klaar. Het was zwaar werk toen ze nog kleiner was. Maar nu zijn haar armen sterk geworden en haar benen klimmen makkelijk de trappen op en af, twee keer per dag. Drie keer als ze de lucifers vergeten is. En dat gebeurt soms. En dan moppert haar vader.’
Dit is dus een vuurtoren die nog met een lucifer aangestoken moet worden. Nou is dit een fantasieverhaal. Het is een verhaal wat vanuit heel vroeger geschreven is. Het is een beetje een surrealistisch verhaal, een beetje fantasieverhaal. En toch is het wel heel aangrijpend. Want er gebeurt van alles en Lampje, zo heet dat meisje, gaat op een gegeven moment weg bij die vuurtoren, gaat weg bij die vader en gaat ergens anders wonen en beleeft dan een gigantisch avontuur.
Maar als ik aan vuurtorens denk dan denk ik ook aan dat verhaal van Lampje. Maar de vuurtorens hier in Nederland, ja, roept dus een beetje een nostalgisch gevoel op. Vind ik fijn om naar te kijken. Het voelt veilig. En dat wilde ik even delen nu, in deze podcast. De podcast 'Evenwicht, je leven'. Dit was seizoen 12, aflevering 7: Lichtschijnsel. Je hebt geluisterd naar Paula Hijne en dank je wel voor het luisteren en tot volgende keer.