Dit is het tweede uur van het radioprogramma Hoor jij wat ik hoor, waarin ik zelf geïnterviewd wordt door Robert Weij. Onderwerpen zijn: het auteurschap, de drie boeken, de taal van de handen (NmG), 10 jaar op de radio en Equi Libre (evenwichtskunst). De techniek is gedaan door Han Koopman.
(eigen foto, in de studio met de drie boeken)
Volledig transcript
Dit is 'Hoor jij wat ik hoor?'. Met Paula Hijne.R: En dat programma wordt mooi gecontroleerd, ge-high-checkt door mij. - Door Robert Weij - wel even je naam noemen hè! (door elkaar).....
R: Dank je wel Paula. Welkom terug en wij zitten gezellig in onze tweede uur. In het eerste uur hoorden we hoe je van basisschool-klas en theater naar een heftige diagnose kwam. En uiteindelijk naar een eigen coachingspraktijk. Maar je deed meer dan praten, je begon ook te schrijven. We gaan het hebben over je boeken Paula. -Haha leuk! Haha! ha
R: Je schreef 'Ménière in balans' en 'Evenwicht, in uitvoering'. Waarom was het voor jou zo belangrijk de ingewikkelde wetenschap achter ons evenwicht begrijpelijk te maken voor iedereen? - Omdat ik zelf, nadat ik het boek 'Ménière in balans' had geschreven, daar gaat een stukje over dat evenwicht, want dat is een belangrijk onderdeel binnen die ziekte, dat daar ook de stoornis kan zitten. En ik had het opgeschreven en ik dacht: het klopt wel wat er staat, maar ik snap het nog niet. Hoe zit het nou precies? En ik ben het toen gaan navragen bij een kno-arts in het MUMC in Maastricht. De evenwichtsexpert van Nederland. En ik heb hem bepaalde vragen gesteld en ik kwam erachter hoe ingewikkeld dat zit, maar ook hoe duidelijk hij dat kon uitleggen.
Alleen, ik kon daar nog niet de juiste informatie over vinden in een boekvorm ..ehm.. op internet, het was niet te vinden. En toen heb ik gezegd: 'dan ga ik zelf dat boek schrijven, waarin ik uitleg hoe dat evenwicht en het evenwichtssysteem in ons lichaam helemaal werkt.' En ik heb hem -diezelfde kno-arts- gevraagd van 'wil jij mij daarbij helpen?' En toen zei hij al: 'Ja, ik wil heel graag dat boek zelf schrijven, maar ik heb daar geen tijd voor. Dus heel goed dat jij dat gaat doen!' Dus hij heeft me op die manier geholpen. En dat was nodig. Samen met een collega van hem om dus alles wat ik schreef, om dat ..ehm.. te checken of dat wel klopte op de manier waarop ik het had geschreven. Want ik wilde dat in een hele begrijpelijke taal. Geen Jip en Janneke, maar ik noem het dan huis-tuin-en-keuken-taal, zodat het voor heel veel mensen begrijpelijk is.
R: En ook voor de slimme leerlingen in de klas met verdiepte teksten er in die wat complexer zijn. - Dat sowieso.
R: De techniek, toch ook in de kadertjes? - Ja, er wordt heel veel uitgelegd, ook tot celniveau hoe dat in dat evenwicht, in het evenwichtssysteem zit. Dus je wordt aan de hand meegenomen. Het is niet meteen een heel medisch verhaal, het wordt in kleine stukjes opgebouwd. En jij weet dat, want jij hebt mij meegeholpen met het maken van de podcast over (haha) van dit boek.
R: Ja hè? Daar komen we straks ook nog over. Dat is duidelijk. Want dat is iets wat ons meer samen ..ehm.. ja bindt om het zo maar te zeggen. Maar het fascinerende vind ik dat je, dat je zeg maar die vorm hebt gekozen om te zeggen: oké, dat is er niet, maar ik vind het belangrijk dat het er komt. Dat je die constatering hebt gemaakt. - Ja.
R: En dat je de noodzaak voelde. - Dat sowieso ja en dat ik dat aangedurfd heb, geen idee. Ik weet wel, het eerste boek is toen door een uitgever uitgebracht. En die heeft toen, dat ik met dit idee kwam, want ik ben eerst bij die uitgever, ben ik bij hem, kwam ik en ik zei van: ‘dit wil ik gaan doen.’ Hij zegt: 'is goed, ga het maar doen.' Achteraf had hij op een gegeven moment, toen waren we samen in Maastricht geweest bij die kno-arts, want hij wilde ook wel eens weten van, met wie hebben we dan te maken en zo. Maar toen zei hij: 'ja, maar ..ehm.. een heel dik boek gaat het niet worden. Je mag wel een dun boekje maken en dan kun je daarna op internet allerlei extra informatie doen.' En toen dacht ik: nee, maar dat wil ik niet. Dus toen heb ik hem later daar weer over aangesproken, van 'nou ik wil toch een uitgebreid boek maken'. Dat heb dan gedaan, zonder dan dat hij dat als uitgever ging uitbrengen. Toen is hij nog wel bij mij geweest toen het boek klaar was. En hij ziet het boek en hij gaat het bekijken, hij zegt: 'Ben ik blij dat je eigenwijs bent geweest (haha) dat heb je mooi gedaan.' Hij heeft meteen een stapel boeken meegenomen om ze zelf weer te kunnen verkopen. Echt geweldig! Dus ik heb het wel goed gedaan dus.
R: Ja. Ja. Duidelijk ja, dat was een mooie blijk van herkenning van hem? - Ja.
R: Wat was de gedachte: ik ga een boek maken? Wat gebeurt in je hoofd, speelde dat al langer of heeft iemand in het verleden wellicht een keer tegen je een suggestie gedaan van: jij zou het eens op moeten schrijven? - Ik heb wel als kind altijd wel bedacht dat ik ooit een boek zou schrijven. En binnen het onderwijs ook wel, alleen wist ik nooit precies waarover. Er waren toen al zoveel kinderboeken. Op een gegeven moment was Harry Potter ook al geschreven (haha) dus...
R: Gemiste kans! Haha! ha. - Op een gegeven moment had ik zo van: nee, er zit geen auteur in mij. Maar toen ik thuis kwam te zitten, in het hele proces van zelf weer opkrabbelen en ook dat hele coachingsgebeuren ging doen, mensen begeleiden, kwam ik tot bepaalde inzichten en toen hadden mensen, cliënten ook van: hoe jij dat uitlegt, schrijf dat eens op!! En daar is toen op een gegeven moment een zaadje geplant, doordat mensen dat tegen me zeiden van: hé, maar kan ik daar dan een boek over schrijven? En toen heb ik die uitgever gevraagd, via de Stichting Hoormij was dat toen, van: er is eerder een boek verschenen bij die uitgever, via de Stichting Hoormij en die man die sprak mij en hij zei echt: 'wat een goed idee, over Ménière, daar hebben we niks over en zo.' De ziekte van Ménière hè, 'Ménière in balans' dat boek. En hij zegt: 'Ga maar schrijven, toe maar, ga maar gewoon schrijven. En dan zien we wel wat ervan komt.’ Maar ja, ik ben dan wel juf, dus het gaat wel natuurlijk in gestructureerde... (haha) en het moest ook meteen goed qua spelling en zo. Dat blijft dan toch in je zitten. En ik ben wel gaan schrijven, maar wel meteen met een soort bepaalde structuur en met een model. En ja, dat is uiteindelijk dat boek geworden. Met al die inzichten die ik zelf had opgedaan in al die jaren.
R: Zat er al een stip op de horizon toen je begon of heeft die zich gevormd? - Die heeft zich gevormd. Ik wist zelf echt niet waar ik uit zou komen. En dat is ook weer dat je dan wel zo'n uitgever hebt die zegt 'begin maar gewoon en wie zien wel waar we uitkomen'. En hij had voorbeelden van andere mensen waar hij járen mee bezig was, om de structuur helder te krijgen en wat dan ook. Die tijd wilde hij mij ook wel geven, dus prima. Maar dat was helemaal niet nodig, want uiteindelijk, toen ik zelf op dreef was (ha) ging dat vanzelf op de een of andere manier. En toen is dat wel via hem bij een redacteur terecht gekomen. En toen was het heel spannend, van: klopt het nu dan wel? En die redacteur die gaf het terug en er is één klein hoofdstuk gesneuveld. Want ze zegt: 'dat staat daar en daar allemaal al.' En de rest is gewoon gebleven zoals het was. Nou oké, ik heb een boek geschreven wat gewoon klopt.
R: Je eerste boek was een echte ontdekkingsreis, ook het schrijven van het boek. Als je je coachingspet opzet en zegt van ..ehm.. 'wat zou ik willen meegeven aan mensen die met die urge lopen om een boek te schrijven, ..ehm.. om ze te helpen of om ze, ..ehm.. ja te helpen om tot het punt te komen en hoe je dat dan structureert? - Wat ik dan zelf als tool zou aangeven is: begin met een soort mindmap. Dat is met elk boek, trouwens met elk project waar ik mee begin. Je zet dat woord, dat doel wat je hebt, zet je middenin neer en dan ga je al die aspecten die daarvoor nodig zijn, zet je daaromheen. En alles wat je erom heen zet ga je weer verder uitwerken. En dan heb je een soort overzicht van waar je allemaal mee bezig kunt zijn. En dat kan zijn inhoud van het boek, maar het kan ook zijn dat het gaat over van oké, ik wil een boek schrijven, waar heb ik allemaal mee te maken. Dan zijn het weer allerlei andere punten. Zo kun je verschillende mindmappen maken. En ik vind dat heel fijn werken. Er zijn andere mensen die alleen maar lijstjes achter elkaar willen maken. Dan is dat prima. Maar begin met het noteren van wat je belangrijk vindt wat er allemaal in kan komen.
R: Ja, zo'n mindmap dat kun je googlen, wat dat is en hoe je dat kan doen. Maar die geeft meer dimensies als een sequentieel lijstje? - Ja. Sowieso. Dat vind ik zelf heel fijn. Je haalt daar de hoofdstukken uit eigenlijk al, die belangrijk zijn.
R: Ja, duidelijk. Heeft het, hoe voelt het eigenlijk dat je jouw mensen of jouw woorden door andere mensen gelezen worden? En ..ehm.. dat mensen helpt om een balans terug te vinden? - Nou, het mooiste is dat toen het eerste boek uitkwam, dat mensen dat lazen en die zeiden van: ik hoor het je gewoon zeggen. Toen dacht ik: dan klopt het gewoon, dan is het precies datgene wat ik wil overbrengen, komt bij de ander zó aan, dat ze mijn stem al daarin herkennen, hoe het is geschreven.
R: Ja, je zegt: ik hoor het je zeggen, maar dat geldt natuurlijk voor de mensen die jou kenden? - Ja dat klopt. Dat is natuurlijk wel de mensen die weten op welke manier ik vertel, hoe ik dingen uitleg, dat klopt. Er zijn wel heel veel andere mensen waarbij het ook heel aansprekend is, het boek. Want het wordt niet voor niks gekocht. Het is ook het enige boek ook, 'Ménière in balans', is het enige boek dat daarover gaat. Over de ziekte van Ménière. En hoe ga je daar dan ..ehm.. mee om? Er is geen enkel boek die daarop lijkt! Dus dat maakt het ook wel, het is een uniek boek en zodoende dat mensen dan bij mij komen voor dat boek om daar meer over te weten.
R: Ja, en daar kun je ook dus feedback krijgen van mensen die jou niet kenden als persoon, maar jou voor het eerst leren kennen als auteur. - En dan zeggen die mensen ook van 'ik hou het boek, ik wil het eigenlijk weggeven, maar dat doe ik niet, want ik wil het heel graag zelf houden, want ik wil het nog een keer gaan lezen'. Er zijn mensen ook die zeggen ook 'het ligt gewoon op mijn nachtkastje en ik pak er af en toe een hoofdstuk uit.'.
R: Mooi! Ik zei al eerder, was het maar visual radio, want je beheerst niet alleen het Nederlands, maar ook de gebarentaal. En mensen die hier zijn en jou zien praten zouden dat ook onmiddellijk zien. Wat geeft deze taal jou wat de gesproken taal niet kan vangen?
- Het is meer de ..ehm.. de reden waarom ik dat ben gaan doen. Het is geen gebarentaal. Maar ik doe Nederlands met gebaren. Het is net even een andere vorm, want wij praten erbij. Ik ben dat gaan doen, omdat ik weet dat door mijn gehoorverlies, kan ik doof worden. Dat is mijn voorland. En dan weet ik niet of hoortoestellen of een CI (cochleair implantaat), of dat mij nog kan helpen. En om dat voor te zijn, dacht ik van, dan is het goed aan mij om alvast bezig te zijn met hoe ik dan kan blijven communiceren. En dat is dan in gebaren praten. Of met gebaren praten. Ik kan heel goed spraakafzien, maar dat is niet alles. Een gebaar kan veel duidelijker zijn. En toen ben ik begonnen in 2017 met gebaren te leren. En op dat moment had ik zo van: ja maar dat moet je ook blijven oefenen. Toen ben ik een gebarenoefengroep begonnen in Zeewolde. En daar zijn mensen die luisteren die weten dat, want of die weten dat of doen zelfs mee in mijn gebarengroep. En we oefenen elke donderdagochtend. En door dat oefenen, door dat herhalen blijf je daar steeds mee bezig en leer je er steeds meer bij. En ondertussen ben ik ook als trainingsdocent (acteur, red) dat ik op de Hogeschool Utrecht af en toe ook mee help en zo. Dus, ja, die gebaren is ook een onderdeel van mijn leven geworden. Eigenlijk om het voor te zijn dat ik wil blijven kunnen communiceren op het moment dat ik doof word.
R: Ja. Dat is belangrijk? - Ja.
R: Zitten er in die groep ook, alleen maar horenden of ..ehm..? - Nee van alles wat. Er zijn mensen die zelf of aan één oor gehoorverlies hebben of wel beide oren en ook die horend zijn, goed horend maar ook mensen die horend zijn en wel heel erg last hebben van tinnitus. Van alles.
R: Voegt zeg maar, ..ehm.. de gebaren, voegen de gebaren iets toe aan de communicatie? - Ja, ik merk zelf als ik met andere mensen bezig ben die dus ook met gebaren praten, dan kan ik op afstand al heel vaak al zien wat daar gezegd wordt. Dan hoor ik het niet, ik zie een beetje aan dat spraakafzien, aan dat gezicht wat er gezegd wordt, maar die gebaren ondersteunen dat en die combinatie maakt dat ik het toch kan volgen. Ook al zit die persoon verder weg van mij. Ik vind dat zó iets ideaals. Ik vind dat zo mooi dat dat mogelijk is! Dus ik hoef niet alles op gehoor te doen. Ik kan ook blijven kijken. Ja. Het is wel belangrijk dat ik kan blijven kijken natuurlijk. Dat ik kan zien dat dat gebeurt.
R: Ja, helder. Maar eigenlijk dan voegt het iets toe wat je normaal met spraak niet hebt, dat je iemand op 30 meter afstand kan verstaan? - Ja, dat dat klopt. Je kunt dus vanaf.... het gebeurt ook wel eens dat mijn man verderop in het restaurant staat of zo en die dan: wat wil je drinken? Dan hoef ik alleen maar het gebaar te maken, dan weet hij, oh ja jij wilt alleen maar water of wijn.. (ha)
R: Ja. Mooi. - Of koffie.
R: Ja, precies ik zie je ze maken. Ja. Ja.Het is heel verleidelijk om daaraan mee te doen. Omdat ..ehm.... - Oh Haha!
R: Ja, om dat te versterken om wat je wilt communiceren. Want die woorden, die kunnen maar in een bepaalde lettertjes per seconde eruit. En ik denk dat het toevoegt. - Een gebaar is één gebaar. En hoef je net al die lettertjes te doen. Je kunt één heel groot, groot woord, wat meerdere lettergrepen heeft kun je in een gebaar soms vatten. Dus ja, dan gaat het veel sneller ja. (ha)
R: Ja, nou dit is een cliché maar je zou goed in Italië passen. Haha! - In Italië? Omdat ze daar heel veel met de handen praten. Ja. Meer in ..ehm.. andere landen hè waar dat gebeurt. Wij zijn in Nederland niet zo gewend om met onze handen te praten. Zelfde, ja, doe niet zo gek, het valt teveel op. Dan ben ik wel gewend om altijd wel mijn handen wel te gebruiken. Ik denk dat ik dat wel mijn hele leven wel heb gedaan. Dus ik heb het nooit als een drempel gezien. Ik vond het juist heel fascinerend om het wel te leren en om het gewoon te doen.
R: Ja, en om er ook weer een vorm in te vinden. Want ook dat is weer een rode draad, dat je vorm zoekt en vindt en dingen... - Ja ja.
R: Nog even terug over een prachtige zin die ik las over een vriendin die tegen jou heeft gezegd: 'misschien hoef jij niet alles meer te horen.' En dat was over tinnitus. Waarom was dat zo'n ja, bevrijding eigenlijk? - Het was gehoorverlies. Het ging over het gehoorverlies. Ik was met haar, weet ik ook nog precies waar we waren. We zaten naast elkaar op het strand hier in Zeewolde, op een bankje en ik vertelde over mijn gehoorverlies. En toen zei zij dat: 'misschien betekent dat wel dat jij niet meer alles hoeft te horen.' En op het moment dat ze dat zei had ik echt zo van: hè, wat jij nu zegt! Oh, maar dat zou een heleboel schelen, dan hoef ik ook niet de hele tijd moeite te doen om alles te volgen. Toen heb ik dat ook meteen opgeschreven, ik heb haar gevraagd: mag ik dit opschrijven? (ha) dus dat is voor mij ook echt een, ook zo'n sleutelmoment geweest, dat als ik niet continu 'aan' hoef te staan, dan kan ik ook gewoon besluiten om dingen níet te verstaan, niet te luisteren, niet na hmmm, ik hoef niet alles te horen... Ik hoor mensen daar dan praten, maar het is helemaal niet belangrijk voor mij om te weten wat daar gezegd wordt. En dat scheelt heel veel energie, want ik hoef die moeite niet te doen.
R: Wat zo leuk is, is dat met een andere mindset had je in datzelfde gesprek boos kunnen reageren. Hoe zo: niet meer alles te horen!! - Klopt, klopt.
R: Heb je niet gedaan. - Nee, dit is ook weer, en dat is ook een moment geweest dat wij samen op ..ehm.. en wandeling hadden gemaakt en het paste ook helemaal in de setting waar wij zelf in zaten. Zij kon dat ook vol overtuiging tegen mij zeggen en ik heb het echt mooi opgepakt. Later besefte ik ook: goh ik had het ook heel anders kunnen doen. Precies wat jij nu zegt. Ik denk: nee! Was helemaal niet nodig! (ha)
R: Mooi. - Dat voelde juist als een openbaring van ooooh, dat kan ook!
R: Je bent wel coach bij haar denk ik, hè? - Ja. (haha)
R: Geeft het je ook eigenlijk misschien wel eens af en toe een beetje rust om misschien een gehoortoestel - ik weet niet of je die gehoortoestellen hebt - om die eens uit te zetten? - Ik heb hoortoestellen ja. Ja, die heb ik vaak ook wel uit hoor. Ik probeer ze heel veel te dragen, maar als ik ga sporten doe ik ze sowieso ook uit.
R: Praktisch. - Ja. En ook 's morgens vroeg met opstaan, dan doe ik ze nog niet in. Dan ga ik eerst ontbijten eigenlijk zonder de hoortoestellen. En als we dan ook niet zo veel gesprek hebben aan tafel, mis ik dat ook niet en dat vind ik dan heerlijk. Dan denk ik het hoeft ook net de hele dag in. Ik moet wel zeggen, met nieuwe goede hoortoestellen is het ook wel heel fijn om ze wel in te hebben hoor! (ha)
R: Vanwege het comfort? - Ja, omdat ook andere geluiden komen binnen. En ook de tinnitus, die wordt daardoor wel minder aanwezig. Die wordt een beetje ja, milder. Dat is wel heel fijn ook.
R: Is het toestel daar een beetje ook op afgesteld om iets van een beetje anti-geluid te geven op je frequentie? - Nee, dat zou ik ook zelf niet willen. Er zijn mensen die daar baat bij hebben, maar dat vind ik zelf helemaal niet fijn dus, heb ik niet nodig.
R: Omdat de rest beter hoorbaar wordt, wordt die ene brom gewoon iets minder belangrijk en minder dringend. Ja? - Ja is minder aanwezig of zo. Het wordt wat milder, wat ik al zeg, want op het moment dat ik ze 's avonds uit doe, dan word ik aan één kant helemaal doof. De televisie staat nog aan, ik doe ze uit, ik hoor ineens niks meer van de televisie en ik hoor mijn eigen geluid dan wel weer heel luid. En voor mij is het ook geluid, ik noem het geen lawaai meer, ik noem het geen herrie meer, dus ik ben op een hele andere manier alweer mee bezig. En ik weet dat dat gebeurt, als ik ze uitdoe en ik zit er niet meer mee. Het is geen punt voor mij. Geen issue meer.
R: Mag je blij mee zijn dat je dat zo hebt leren ontdekken. Dat je die vorm hebt kunnen vinden, ook die vrede, die rust, om zelf te zeggen oké, dat het geen strijd is. - Dat is een heel proces geweest. En daar zijn ook allerlei sleutelmomenten in geweest hoe ik daarmee heb leren omgaan.
R: Zou je kunnen zeggen tegen mensen die daar nu vreselijk mee worstelen met hun herrie in hun hoofd, hun tinnitus? - Dan ga ik dit nooit nog noemen, want dit is écht ergens wat helemaal op het eind zit. Dan gaan we eerst kijken, wat betekent dat dat je nu die herrie hebt. Dus ik ga er nooit vanuit dat zij daar al moeten zijn, dat is voor hun ook een proces. En dat proces loopt bij iedereen anders. Dus het is meer de kunst om dan zo de vragen te stellen, dat de ander steeds een klein stapje verder komt bij datgene wat voor hun kan helpen. Want voor de een is afleiding van dat ze altijd muziek om zich heen horen, is veel beter en vinden ze prettig, ja dan denk ik dat moet je dan vooral doen. Alles wat ik heb ervaren is niet zo dat het voor een ander geldt. Ik weet wel dat je een bepaald proces nodig hebt en dat je er aandacht aan moet schenken om dat te doen, om ergens te komen, dat je ermee kunt leren omgaan. Zonder dat het veel in de weg zit. Want het blijft altijd hè. Dan hebben we het over tinnitus geluiden, dat blijft. Als je eenmaal dat geluid hebt en de eerste 3 maanden ongeveer zijn voorbij, dan kun je ervan uitgaan dat het altijd blijft.
R: Ja, want dat is de gemiddelde diagnose hè? Als het binnen 3 maanden weggaat, kan het door gehoorbeschadiging ontstaan zijn en nog wel eens weggaan hè? En als het daarna is, wordt het chronisch. - Dat noemen ze dan chronisch. Ik vind dat zelf tinnitus als je dat woord gaat gebruiken, is het al een woord wat betekent dat het chronisch is.
R: Ja, letterlijk hè? Ja precies. Paula is er ook iets waarvan je kan zeggen, van nou dit is eigenlijk het mooiste wat ik heb kunnen ontdekken in de stiltemomenten waar je nu voor kiest? - Sowieso, het vinden van een andere vorm van stilte dan afwezigheid van geluid, dat is zo belangrijk dat je een andere vorm van stilte vindt. En voor mij is dat de innerlijke stilte, de innerlijke vrede. En daar ja, als je daar eenmaal bij kan, en je hebt innerlijke vrede dan is alles op dat moment ook oké, het is goed, het is zelfs verder dan oké. Het is niet eens oké. Het is, het is zoals het is, punt! Het is, dat is zóó heerlijk als je die momenten, maar die momenten ook kunt rekken, dat het een langere tijdspanne is, ooh, dat is heerlijk om in te vertoeven!
R: Misschien zen? - Ja, een ander zou het zen noemen ja. Ja.
R: Ja, mooi moment om bij stil te staan.
Jingle 'Hoor jij wat ik hoor?'. Een programma over horen in de breedste zin van het woord. Iedere zondagavond op LOZ.
R: We zaten even na te genieten van wat teksten. Hier bij jou nu. - Haha!
R: Je maakt het programma nu bijna 10 jaar. Hè? Letterlijk. - Dit programma, dit radioprogramma 'Hoor jij wat ik hoor?'.
R: Precies. Hmmm is er ook een vorm van een soort belangrijkste les die je 10 jaar radio maken jou geleerd hebben over mensen in en om Zeewolde? - Nee, sowieso wel dat er natuurlijk heel veel mensen in Zeewolde zijn die écht wel iets te vertellen hebben. En dat zijn niet eens de meest belangrijke mensen die je altijd al ziet in kranten en weet ik wat. Het zijn juist die mensen die niet zo gauw voor het voetlicht komen. En die wil ik laten sprankelen in het programma. En dat vind ik zó leuk als dat lukt. Als er iemand komt en die zegt: 'is die twee uur nu al voorbij?' en dat je dan later hoort van de partner, nou, ik heb hem nog nooit zo lang achter elkaar horen praten. Haha! Dit vind ik zó mooi! Dat de vragen die ik stel dat daar mensen dus op aangaan, dat ze reageren, dat ze willen vertellen, dat ze het leuk vinden wat ik vraag! Ja, dat vind ik heel leuk om te doen.
R: Ja, omdat niet bewust in een gestuurde, gecontroleerde omgeving te doen, maar vanuit jezelf? Om die mensen de ruimte te geven en als ze het dan ook pakken. - Ja, dat sowieso hè. En dat lukt heel vaak. Dan heb ik wel eens mensen waarvan ze zeggen: echt, als ik iets vraag dan krijg ik nooit zo'n antwoord. En dat ze dan bij mij wel die antwoorden geven. Haha! Toch wel heel bijzonder.
R: Ik heb geleerd dat als je psychologie gestudeerd hebt, dat je nooit moet zeggen dat de psycholoog bent tegen mensen. Heb jij wel eens dat mensen anders tegen je gaan praten, omdat ze weten dat jij echt luistert naar wat er achter hun woorden zit? -Ik geloof niet dat ze echt anders met mij omgaan. Ik geloof ook niet dat er mensen zijn die dan mij niet aan willen spreken of wat dan ook. Dat ze juist wel dat interessant vinden. Komt ook omdat ik heel vaak met mijn ogen dus kijk, en met mijn ogen luister, en dat mensen dat heel fijn vinden, juist omdat ik dat contact zo maak!
R: Ja, dan heb je ook dat contact hè? -Ja.
R: Wij kennen elkaar nu 5 jaar. Zijn samen op podcast-cursus geweest. En Willie en ik hebben ook jouw eerste boek als luistercursus, luisterboek hebben mogen inspreken. Waarom moest dat verhaal nou ook gehoord kunnen worden? - Meer ook omdat ik van meerdere mensen hoorde van dat boek, ik ben dyslectisch, dus ik kan niet zo goed lezen. En toen dacht ik van: ja, dat klopt natuurlijk. Er zijn mensen die heel graag auditief dingen willen horen. Dan is dat heel mooi als dat, en dan wil ik het in podcast-vorm, want een luisterboek is nog weer anders. Dan heb je alles achter elkaar. Dit is in podcast-vorm zodat het afleveringen zijn. En dan is elk hoofdstuk is een aflevering. En dan kunnen mensen dus die dyslectisch zijn niet meer zeggen: 'ja, dan wil ik dat boek niet lezen.' Nee dat hoef je ook niet te doen. Ga maar luisteren. En heb het boek ernaast om wel de afbeeldingen erbij te hebben. Dan, ja, dat is eigenlijk de reden geweest (ha) omdat iedereen op een andere manier informatie tot zich neemt.
R: Ja. Dus een luisterboek maken was ook een eerste avontuur voor je? -Ja, nou ik maakte al podcasts natuurlijk. Ik had al een podcast die ik sowieso al maakte, vanaf 2020.
R: Je maakt al broadcast ook natuurlijk. Hè, je maakt ook al programma's. -Ja, dus dat scheelt wel dat ik zelf wel al wist hoe het werkt en hoe je dat dan moet doen. Alleen ik heb het toen wel met jullie gedaan ook, ik heb het niet in mijn eentje gedaan.
R: Nee, nee dat is duidelijk. We hebben het ook niet in ons eentje gedaan. Letterlijk. Dat klinkt heel gek maar zo is het ook hè? Je hebt zelf ook een belangrijk aandeel daarin gehad.
Is het, was het nog grappig voor je om je eigen geschreven woorden te horen uitspreken door anderen? Heb je er nog echt naar kunnen luisteren? - Nou ik heb wel gemerkt dat het best moeilijk is om een geschreven tekst, om dat dat heel goed zo te verwoorden met je stem, dan zijn bepaalde zinnen best moeilijk om uit te spreken. Daar kom je dan achter. Dat het lezen heel soepel gaat, maar op het moment dat je dat moet uitspreken ineens, hé, dan, ja, dat het best lastig is. Dat moet je echt oefenen.
R: Ja, je hoort dat het geschreven is hè? - Ja. Ja. En dan is het de kunst eigenlijk om het zó te vertellen alsof het niet voorgelezen wordt en dat is ook heel moeilijk. Blijkt (haha)...
R: Ja, letterlijk. Ook voor jou, ook voor mij. Ook voor Willy. Dat was best wel een strijd. En heb je nog feedback gehad over dat luisterboek? -Het is sowieso dat mensen dat mooi vinden dat die mogelijkheid er ook is. Dat ze echt op die manier mee kunnen ja, toch van kunnen genieten. Ja.
R: Vertel eens iets over je podcast? Hoeveel heb je er gedaan? - De podcast zelf, ..ehm.. vanaf 2020. ..ehm.. ooh, had ik even op kunnen schrijven. Ik weet niet hoeveel ..ehm..
R: Tientallen... - Daarom. Het is elke week... is een aflevering. In het begin nog niet helemaal maar op een gegeven moment heb ik elke week een aflevering al gedaan. Dus dat is in 5 jaar tijd heb ik al heel veel afleveringen gemaakt. Ik weet wel van mijn radioprogramma. Die heb ik opgeschreven: 10 jaar 'Hoor jij wat ik hoor?'. Eén keer in de maand. Dan kom ik op 120 opnames. 2 uur per keer, dan zit ik ongeveer op 240 uur interviewen. En het zal 220 uur zijn, want we hebben in corona-tijd natuurlijk wat minder opgenomen. Dus ik heb zo'n 200 gasten al geïnterviewd (haha)
R: Ja, leuk hè? - Dat zijn wel hele mooie aantallen.
R: Ja, dat zijn mijlpaaltjes. Ieder voor zich. - Ik wil nog wel iets vertellen over dat 'Hoor jij wat ik hoor?'. Hebben we daar nog even tijd voor?
R: Ja, kom maar op. - Want dat programma 'Hoor jij wat ik hoor?', dat was er niet zomaar. Toen ik daarmee begonnen ben, weet ik nog dat ik op weg was naar de studio van de Lokale Omroep Zeewolde, om mijn idee wat ik had om dat te pitchen. En onderweg daarnaar toe lopend, had ik zo van: oké, maar als ik een programma ga maken, moet ik wel een naam ervoor hebben. En ik weet nog precies waar ik liep hier in Zeewolde. En ik bedenk ineens van: 'Hoor jij wat ik hoor?'!!! Écht, dat vond ik een mooie titel. Dus ik kwam daarbinnen, allemaal mannen die daar zitten van de radio en ik heb mijn idee gepitcht en zij vonden dat een goed idee. Ik mocht dat gaan maken. En dat geworden. Als ..ehm.. 'Hoor jij wat ik hoor?', en dan: 'horen in de breedste zin van het woord'. En dat gegeven heb ik pas nu ontdekt, dat is zó belangrijk geweest, dat ik daardoor dat hele woord 'horen' zó enorm omarmd, dat alles wat ik doe, heeft iets met horen te maken. Ook met het níet horen en gebaren leren. En dat komt omdat ik dat programma nu al 10 jaar maak en elke keer, bij elke aflevering hoor, de jingle, 'Hoor jij wat ik hoor?', 'horen in de breedste zin van het woord' ingesproken door René Verstraten, dat ik echt zo heb van: dat heb ik zó eigen gemaakt. Dit is, dit heeft mij zó geholpen om, ja dat horen te omarmen. Terwijl dat voor 2006 een heel beladen zwaar woord was. Is dat nu in al mijn facetten, in al mijn dingen die ik doe, komt dat zo uit. En daarbij, mijn derde boek heeft dan ook als titel: 'Hoor jij wat ik hoor?'.
R: Ja, ja, helder hè? - En dat maakt het heel mooi rond. (ha) 10 jaar lang dit radioprogramma.
R: En daarmee word je ook gehoord. - En daarmee word ik weer gehoord en mag ik zelf nog meer, veel meer vertellen zodat mensen mijn stem ook weer mogen horen. (haha)
R: 10 jaar radio, ontelbare uren aan geluid.
((muziek ♬))In de avonden is LOZ het beluisteren meer dan waard. Met....29.26 ... (???) ... Onbekend, Onbemind, Van Eigen Bodem, Het Café van Niels en Simon, Black and Blues, 'Hoor jij wat ik hoor?' en Hits met Frits maken we jouw avonden tot een muzikaal feestje. Dus haal die video-diensten, saaie praatprogramma's op tv, steeds dezelfde koppen op je scherm, in de vuilnisbak ermee! En gewoon ouderwets de radio aan. LOZ, ook in de avond op kabel en 106.4 FM.
R: Paula, je hebt net je nieuwe boek 'Hoor jij wat ik hoor?' mogen presenteren. Hoe was dat? - Ja, dat was geweldig om te doen, vond ik écht heel erg leuk! In het, bij het 2e boek kon ik namelijk niet presenteren, was midden in corona-tijd en toen had ik bij dit boek van: als dit nu op de markt komt, kan wil ik daar ook echt een feestje van maken, dat het uit is gekomen en dat mag met meerdere mensen gaan vieren. Dat kon toen niet en nu dus wel. En dat heb ik gedaan. Ik heb mijn eigen feestje gecreëerd in De Oude Bieb. (ha)
R: Zelf de slingers opgehangen? - Nog net niet, maar wel...
R: Letterlijk... of figuurlijk... - .... alle andere dingen daarvoor geregeld. Ja, dan heb ik graag de organisatie ook weer in handen..
R: Hé, onbekend ge.... ja......- Haha! Haha! En de tip gekregen van: zijn er ook andere mensen die even spreken? Want ik wilde zelf wel een verhaal doen. En dan heb ik ook de vormgever gevraagd en een van de mensen die het voorwoord heeft geschreven. Die hebben ook even een praatje gehouden. Vond ik heel mooi dat we dat samen zo daar hebben neergezet. En in De Oude Bieb op het plekje waar ik elke donderdagochtend oefen met mijn gebarengroep. Daar heb ik heerlijk gestaan om dat verhaal te vertellen. Vond ik héél fijn om te kunnen doen.
R: Ja, was een vertrouwde plek ook in die zin. - Ja, zeker.
R: Mooi. Wat... is er een kernboodschap in het boek? Die je wil delen of die je daarin deelt? Is er écht een kernboodschap? -Ja, dat is de ondertitel van het boek ook, het gaat over tinnitus, hebben we het eerder al even over gehad, geluid in je hoofd. En de ondertitel is dan: 'Over leven met tinnitus, een proces dat aandacht vraagt.' En de kernboodschap is dat als jij wilt leren leven met tinnitus, dan is het nodig dat je daar zelf actief mee bezig bent, dat je daar aandacht aan geeft, want het gaat niet vanzelf.
R: Niet aan de tinnitus, maar aan het proces om er iets aan te doen - Ja, van het proces hoe je daar dan mee kunt leven. Omdat het geluid zelf niet weggaat, er is geen behandeling voor, geen medicatie, dus het kan niet stoppen. Maar hoe doe je dat dan wel. Hoe kan je met dat geluid omgaan, dat er altijd is en hoe kun je daar dan zo, ja, prettig mogelijk mee om gaan. Hoe kun je dan je leven verder leven.
R: Ja, hoe kun je erom heen leven. En ermee leven. - Ja, maar je hebt daar aandacht voor nodig en als je daar geen aandacht aangeeft... Er zijn mensen die... daar is het geen issue voor, die horen dat en die hebben er helemaal geen problemen mee. Prima. Dat is helemaal goed..
R: Gezegend zijn die mensen hè? - Ja, dan hoef je daar ook niets aan te doen. Maar de mensen die er last van hebben, als je er last van hebt, dan is het nodig dat je daar dus aandacht aangeeft en in actie komt om het te veranderen.
R: Je bent een verhalenverteller. ..ehm.. komt er al een nieuw hoofdstuk aan? Borrelt er al ergens een vorm voor een nieuw boek?- Haha, ik heb die vraag al meerdere keren al gekregen. Nee, op dit moment helemaal niet. Dat was de vorige keer wel, toen had ik echt zo van: ja, als ik dan toch nog een boek ga schrijven, dan wil ik dat over tinnitus doen. Maar dan wil ik écht mijn eigen verhaal vertellen. Maar nu heb ik zo van eigenlijk heb ik alles geschreven wat ik wilde schrijven op dit moment. Dus ik laat het nu ook even helemaal met rust. En, wat ik wel heel graag wil is, is hier over vertellen. Aan mensen, presenteren, ..ehm.. workshops geven. Eventueel een training als daarnaar gevraagd wordt om dus dat uit te mogen dragen.
R: Ja, wat gereedschappen in te zetten die je eigenlijk daarvoor hebt ook, ook je coaching capabilities. - Ja, ja. Ik vind dat héél leuk om mensen, ja, meer kennis te geven over wat tinnitus is. Vanuit die ervaringsdeskundigheid en tegelijkertijd vanuit de professionaliteit, omdat ik ook met heel veel mensen gewerkt heb, die tinnitus hebben. Dus, ja.
R: Ja, dat het is, ja je brengt wel wat mee om het maar eerlijk te zeggen. -Ja, het is niet alleen maar de ervaringsdeskundigheid en het is ook niet alleen professionaliteit. Want er zijn best artsen die erover kunnen vertellen, maar als die zelf geen tinnitus hebben, kunnen die prima uitleggen, maar niet vanuit die ervaringsdeskundigheid.
R: Ja. En andersom hè? De ervaringsdeskundigheid wil niet zeggen dat je er ook goed over kan praten, het kan uitleggen. - Ja.
R: Ja, snap ik. Je noemt je werk Equi Libre. Evenwichtskunst. Wat zou je een luisteraar toewensen die dit hoort en die zich vandaag even wankel voelt? - Haha, ga vooral iets met de handen doen! Haha!
R: Dat helpt in het evenwicht bedoel je, als je ze maar uitsteekt... - Ja, sowieso. Evenwicht is een woord dat is, dat is dynamisch. Het is geen statisch iets hè! Het evenwicht is altijd aan en als je wat wankel voelt, dan is misschien lopen wat lastiger. Ga dan gewoon lekker met je handen dingen doen, puzzelen, iets maken, ja. Rustig aan. Ja. En je noemt Equi Libre, dat is een beetje wat ik zelf ook, een beetje, wat ik heel belangrijk vind om veel meer te gaan doen, om met mijn handen te gaan werken. Ik wil dingen maken. Ik wil dingen creëren met mijn handen. Haha!
R: Zit het woord vrijheid daarin? - Ja ook. Ook, want niemand zegt tegen mij wat ik moet doen en hoe ik het moet doen en waarmee. Dat ik dat helemaal zelf mag bepalen.
R: En ook het tempo. En dat je ook even uitstaat als je dat aan het doen bent. - Sowieso, want dat is wat mij heel erg helpt. Als ik nu aan het tekenen ben, dan ben ik ook alleen maar met het tekenen bezig. Want het vraagt zo veel concentratie (ha) en dat is maar goed ook want dan kan ik geen andere dingen doen. Heel lekker.
R: En dan ben je in de flow? - In de flow, ja.
R: Is balans iets wat je in één keer vindt of is het eigenlijk een soort vorm van een dans die je elke dag opnieuw moet leren? - Dat is ook weer, balans vind ik een statisch iets hè. Voor mij is het écht evenwicht. En in evenwicht zijn, dat wil niet zeggen dat dat dus stil staat. Continu in beweging blijven. Ik zie jou zelf dat al doen. Mijn gebarennaam (ha), mijn naam in gebaren is een 8. Een liggende 8 eigenlijk. En dat betekent ook, omdat ik graag dans, daar zit ook die sierlijkheid in en die lenigheid en die beweging zit daarin. Ik hou heel erg van bewegen en ik blijf ook graag in beweging. En dat is wat ik wil blijven doen! Altijd acties blijven ondernemen.
R: Een liggende 8? - Ja, hoe moet je dan, het is moeilijk om uit te leggen. Hij ligt niet echt, hij is verticaal dan of zo? Niet recht opstaand.
R: Het is bijna het teken van oneindigheid. - Klopt. Het is het teken van oneindigheid. Ja en dat zit ook in mijn model, van allebei de boeken ..ehm.. het eerste boek en het laatste boek, daar zit dat model ook in wat de spiralen zijn en dat is geïnspireerd door dus het oneindigheidssymbool.
R: Ik hoor toch iets van een volgend verhaal al vorm krijgen, maar dat terzijde.... Paula Hijne oud onderwijzer, theatermaker, auteur, hoorcoach, maar bovenal een baken van evenwicht in een draaiende wereld. Het was een voorrecht om even de rollen om te draaien en jou een keer te mogen interviewen in je eigen studio. Dank voor je wijsheid, vriendschap en je prachtige verhalen en voor u thuis, blijf goed naar elkaar luisteren. Fijne dag.
- Dank je wel Robert Weij en dank je wel, Han Koopman.