Evenwicht, je leven - S12 / E17

17 Een heel klein lammetje

Een aflevering over het gebruik van verkleinwoorden in de Nederlandse taal. Ik heb hier nog niet eerder over nagedacht. Ik kom erachter dat het best raar is. 

(afb Pixabay, GeijutsuDesing)

Volledig transcript

Welkom bij de podcast 'Evenwicht, je leven'. De podcast over het evenwicht in de breedste zin van het woord. Je luistert naar Paula Hijne. Dit is seizoen 12, aflevering 17: Een heel klein lammetje.

Toen ik nog lesgaf keek ik met de klas naar het televisieprogramma 'Huisje, boompje, beestje'. Dat programma dat is nog steeds te vinden op internet. Ze maken geen nieuwe afleveringen, want de eerste aflevering was in september 1988 en de laatste aflevering is gemaakt in juni 2014. Het was een school tv-programma van de NOT, de Nederlandse Onderwijs Televisie. Weet niet eens of dat nu nog steeds bestaat. 

Maar 'Huisje, boompje, beestje' is ook een Nederlandse uitdrukking. En dat betekent een rustig, voorspelbaar en conventioneel, burgerlijk leven. Het kan ook een kalm en onverstoord leven zijn. Of goed verzorgd. Een beetje saai. En de woorden in 'Huisje, boompje, beestje' daarbij betekent huisje echt de woonplek. Maar boompje? Dat is de kinderwens, om de stamboom uit te breiden. Dat betekent boompje. Ik dacht altijd dat het de tuin was die bij het huis hoorde. En dat het in die uitdrukking zo bedoeld zou zijn. Maar het is dus de stamboom. Het beestje is wel het symbool van het houden van een huisdier. 

In dat televisieprogramma ging het over de natuur, over de planten en dieren, dus daar was boompje echt wel ook de natuur. Het ging ook over de maatschappij. En ook technische onderwerpen kwamen langs. Het waren zelfs hele uiteenlopende onderwerpen. Dat kan ik me ook nog herinneren. En we keken er graag naar.

In deze podcast-aflevering wil ik het hebben over de verkleinwoorden. Van onder andere dan huis, boom en beest. Ik ben op dit idee gekomen via mijn schoonzus en zwager. We waren samen in een restaurant aan het eten. En de ober die vroeg aan mijn zwager of hij nog een biertje wilde. En toen vroeg hij aan mij: 'wilt u nog een theetje?' Daar ging mijn schoonzus op aan! Zij vindt het vreselijk om die verkleinwoorden te horen! Het werd een heel interessant onderwerp tijdens het eten. Het was mij nog niet eerder opgevallen dat dit vaker in horeca gebeurt. En zij had het al meerdere keren meegemaakt en juist omdat ze er waarschijnlijk op let! 

In het Nederlands zetten wij dan ook een achtervoegsel achter het zelfstandige naamwoord. Dat kan ..ehm.. het achtervoegsel 'je' zoals bij huis, dat wordt huisje. Of 'tje', auto wordt autootje. Of baby'tje en dan is het wel weer raar, want bij baby'tje schrijf je het woord baby en dan komt er een komma, een apostrof en dan 'tje' erachter. Het kan ook de uitgang 'etje' zijn, zoals bal, balletje. Waarbij van bal daarna bij balletje ineens ook 2x de L komt.

De uitgang kan ook zijn 'pje', boom wordt boompje. Het kan ook 'kje' zijn, ketting dat wordt kettinkje, waarbij de achterste letter van ketting de G dat wordt ineens een K. 

Raar dat Nederlands wat we hebben (ha). Het is dan ook de kleine vorm van zelfstandig naamwoorden. En wat blijkt nou? Dat in Nederland heel vaak verkleinwoorden worden gebruikt, want dat vertelde mijn schoonzus. Wij gebruiken dat heel vaak. En zelfs in de uitleg op internet, maken ze er een verkleinwoord van, want dan zeggen ze: verkleinwoordjes. En als je van een woord een verkleinwoord maakt, dan wordt ook het lidwoord anders. De bank wordt het bankje. En de slang wordt het slangetje. 

Terwijl het zelfstandige naamwoord, de inhoud ervan, die blijft gewoon hetzelfde... verandert die spelling dus wél! Mijn schoonzus legde uit dat deze verkleinwoorden voornamelijk in Nederland gebruikt worden. Veel minder in het buitenland, daar kom je het zelden tegen. Waarop mijn zwager zei dat mensen uit het buitenland die Nederlands willen leren, helemaal in de war raken door deze verkleinwoorden. Zij zien het, zo'n verkleinwoord, als een nieuw, als een ander woord. En ze begrijpen dan niet dat het dan om hetzelfde voorwerp gaat, hetzelfde ding of hetzelfde dier, maar dan in het klein.

En dat komt omdat die spelling dus zo verandert en het lidwoord verandert. Het wordt ook echt een ander woord. Wat ik net vertelde, van bal wordt balletje, wordt een langer woord en er komt nog een letter bij en zo. En het is ..ehm.. de bal wordt het balletje. Ja, dat is qua spelling ook écht... lijkt het een ander woord. 

Ik vond dit heel fascinerend, want ik wist dit helemaal niet. En dat komt, denk ik, omdat ik zelf nauwelijks gebruik maak van verkleinwoorden. Niet als ik praat, niet als ik schrijf. Ik kan nog wel eens in mijn boeken na gaan lezen of ik wel eens verkleinwoorden gebruik, maar ik denk het niet. En anders is het heel functioneel. 

En tijdens datzelfde etentje vertelde mijn man toen ook dat hij het meermaals bespreekbaar heeft gemaakt bij de leerkrachten op zijn school. Hij werkte in het onderwijs en dat waren dan leerkrachten die in verkleinwoorden tegen de leerlingen spraken. Ik denk voornamelijk de leerkrachten in de onderbouw, groep 1, 2. En dan zeiden ze: 'pak je stoeltje’ of ‘eet je appeltje nu maar op' en als ze een opdracht gaven dan ging het zo van: 'met je schaartje knip je dan bloemetjes en die plak je op je blaadje'. En mijn man vond dat altijd heel vervelend als een van de leerkrachten dat deed. En hij sprak ze daar dan ook op aan. En dat hielp dan even, maar als de juf al járen op die manier praat, nou probeer het er dan maar uit te krijgen, dat lukt bijna niet. 

Er zijn ook moeders die tegen hun kind in heel veel verkleinwoorden praten en als je ze dan later hoort bij volwassenen dan gebruiken ze het niet. Waarom doe je dat bij kleine kinderen wel? Terwijl zo'n stoel is voor een kind gewoon een stoel. En niet een stoeltje. Als moeder maakte ik, denk ik ook, weinig gebruik van die verkleinwoorden. Sowieso niet in de dagelijkse conversatie. En ik denk ook dat mijn man daar wel op lette. Dat als ik het een keer deed, dan zei hij dat dan wel. Maar omdat ik dat als leerkracht ook niet deed, was het ook helemaal niet zo moeilijk om het thuis ook niet te doen. Dus ik ben er nooit zo mee bezig geweest. Tot het moment dat we dit onderwerp dus, dat het zo ter tafel kwam. En vanaf dat moment ging ik er verder even over nadenken. 

Hoe zit het met meisje? Meisje, dat is een verkleinwoord en tegelijkertijd ook een zelfstandig naamwoord. Je hebt het niet over meis... zonder die achtervoegsel 'je' erachter. En dan komt het waarschijnlijk van meid, maar dan klopt het niet als verkleinwoord, want dan zou je meidje moeten noteren in plaats van meisje. Als je het over een meid hebt, dan heeft het een hele andere lading dan meisje. Meisje klinkt wat zachter of zo? Meid, dan heb je toch meestal... kan nog wat negatiever zijn. Het kan zijn dat er ook wel genoeg mensen zijn die meis zeggen, maar ik hoor het niet zo vaak. Meis zelf is dan ook niet een zelfstandig naamwoord.

Maar dan jongen. Jongen is het zelfstandige naamwoord en dit is niet een verkleinwoord. Waarom niet?! Er is wel een verkleinde versie, namelijk jongetje. Hierbij valt trouwens wel de N weg, jongen. Als je dan schrijft jongetje moet je die N er tussenin weghalen. Maar bij een jongetje kun je het ook hebben over een jochie en er wordt ook wel gesproken over knaap. Of knul. En zelfs jongeman. Er zijn wel 6 mogelijkheden tegenover 3 voor een jonge vrouw! Jonge vrouw dat zijn 2 losse woorden, terwijl jongeman één aaneengesloten woord is. Ook al wel weer gek! En in plaats van jonge vrouw wordt er dan eerder gesproken over jonge dame.

Jongeheer bestaat ook. En dat is een ouderwetse benaming voor een jonge manspersoon. Ja, jongeheer, ja, tegenwoordig wordt hier het mannelijk geslachtsorgaan mee bedoeld, beetje een volkse benaming voor penis. Ik hoorde trouwens nu ook pasgeleden piemelotje, vond ik ook wel heel grappig. Die had ik nooit eerder gehoord. Ik denk even door. Hoe noem je het als de man al heel oud is en je hebt het nog steeds over zijn jongeheer? Dat lichaam veroudert dus dan kun je het toch geen jongeheer meer noemen, dat mannelijk geslachtsorgaan?!

En dan een ‘klein kuikentje’. Dat is 3 dubbelop. Een kuiken dat is een kleine kip. Dat is een ander woord voor kip in het klein dus. Je hoeft het woord klein niet voor kuiken te zetten. Want een kuiken is al een kleine kip, waarom maak je daar dan nog een verkleinwoord van!? En dat geldt ook voor klein welpje. Klein kalfje. Klein pupje. Vind ik ook raar klinken. Klein kittentje. Kittentje bestaat wel, hè? Maar kittentje heb ik nog nooit over gehoord. Klinkt ook gek! Een klein baby'tje is ook dubbelop, dus waarom maken we van baby ook nog weer een verkleinwoord. 

En dan de titel van deze podcast-aflevering: 'Een heel klein lammetje'. Dat is dus 4 dubbelop! Heel klein is al dubbel. Lam is een klein schaap. Waarom maak je daar dan een verkleinwoord van? Het woord lam dat bestaat uit 3 letters en als je daar dan een verkleinwoord van maakt, lammetje dan bestaat het ineens uit 8 letters! En uit meerdere lettergrepen! Is toch gek?! Waarom maak je van een verkleinwoord ook nog eens een keer een veel langer woord van?! En als je dat intikt op Google, een ‘heel klein lammetje’ dan blijkt het ineens wel te bestaan. Een pasgeboren Ouessantschaap dat is een heel klein lammetje. Een Ouessantschaap dat is een Bretons dwergschaap. Nou dwergschaap dat zegt het ook al, het is een kleiner schaap dan normaal. En zo'n heel klein lammetje weegt ongeveer één kilo. Het is dan ook het kleinste schapenras ter wereld. 

We kunnen in het Nederlands dus heel veel varianten van het schaap maken. Dan heb je het over een klein schaap, het gewone verkleinwoord schaapje, lam, lammetje en dan alle voorvoegsels ook nog. Mini-schaap of mini-lam. Heel klein. Superklein. Extreem klein, piepklein. Maar ja, als je dit superkleine lam op YouTube ziet, dan vind ik de grootte wel meevallen. Het is ongeveer zo groot als een normale kat! Ja, alleen weegt een volwassen kat dan wel wat meer. Een net geboren kat, een kitten, weegt zo'n 100 gram. Nou dat is echt heel weinig. En na 4 weken zo'n 400 gram. En een kitten is ook nog helemaal in het begin, dat is dan echt een klein diertje (zeg ik het zelf ook, een diertje!) klein dier, en in het begin zitten de ogen nog dicht en dan kunnen ze ook nog niet goed lopen. Heel anders dan een heel klein lammetje, want dat probeert meteen op te staan en ook al is het wankelig het kan al meteen lopen, vlak na de geboorte al. 

En beide, zowel een kitten als een lam, ja die zijn natuurlijk wel heel schattig! Want kleine dieren vinden we heel aandoenlijk. Is dat de reden om zo vaak een verkleinwoord te gebruiken? Je hoort wel dat het Nederlands een beetje een harde taal is. En zijn die verkleinwoorden er om onze harde taal iets te compenseren? Om het iets zachter te maken, iets vriendelijker? Dat zou zo maar kunnen! 

Ik ga er voortaan eens opletten in de horeca hoe vaak er gevraagd wordt of we een koffietje, een biertje of een theetje willen. Ben ik heel benieuwd naar, ik ga er toch vanaf nu op letten.

Dit was de podcast 'Evenwicht, je leven', seizoen 12, aflevering 17: 'Een heel klein lammetje'. Je hebt geluisterd naar Paula Hijne. En ik hoop dat je dit ook weer grappig vond, een aflevering over verkleinwoorden. Ik zou het niet eens zomaar kunnen bedenken, maar het is omdat we dat tijdens dat etentje gingen bespreken en, ja, vond ik... ik vind het een leuk onderwerp. Dank je wel voor het luisteren en tot de volgende keer.


Over Evenwicht, je leven

Evenwicht, je leven

De podcast over het zintuig evenwicht. 


Ervaringen en informatie over ons zintuig evenwicht.

De evenwichtsorganen in ons binnenoor zijn onderdeel van een complex evenwichtssysteem, waardoor we alles kunnen doen wat we doen. Elke actie is namelijk mogelijk door dit bijzondere zintuig evenwicht. 

In deze podcast komt ook het psychisch evenwicht aan bod.

Kortom, evenwicht in de breedste zin van het woord. 


'Evenwicht, je leven' is de podcast van Paula Hijne. Zij is auteur van het boek 'Evenwicht in uitvoering, hoe ons evenwicht werkt'.


https://evenwichtinuitvoering.nl/

Luister via ...