Evenwicht, je leven - S10 / E15

15 Paula Hijne-Muller deel 1

Tien jaar

Deze aflevering is het eerste uur van het radioprogramma 'Hoor jij wat ik hoor?' uitgezonden door de Lokale Omroep Zeewolde. Dit programma maak ik met veel plezier vanaf januari 2016. Deze maand was het een speciale uitzending. Ik ben geïnterviewd door Robert Weij, in mijn eigen programma.

Ik stelde dit keer niet de vragen. Ik hoefde geen muziek aan te kondigen en de tijd in de gaten houden. Heel vreemd en heel leuk.

Ik vertel over mijn jeugd, het onderwijs, creativiteit en theater, het kantelpunt in mijn leven, over sleutelmomenten en de nieuwe keuzes die ik heb gemaakt.

In deze podcast staat niet de muziek. In aflevering 16 vertel ik over mijn muziekkeuze. 

(Eigen foto, in de studio van de LOZ, van het schilderij waar ik over spreek in het interview)

Volledig transcript:

(Jingle) Dit is 'Hoor jij wat ik hoor?'. Met Paula Hijne. Maar vandaag doen we het even helemaal anders. Normaal gesproken is zij degene die de vragen stelt. Maar in januari ‘26 viert ze een opmerkelijke mijlpaal: 10 jaar 'Hoor jij wat ik hoor?' Ik zit hier met Paula Hijne-Muller, geboren in de herfst van 62. Een vrouw van het theater, van het onderwijs. Een vrouw die letterlijk uit het evenwicht... uit evenwicht werd gebracht, om daarna een nieuw fundament te vinden. Wij kennen elkaar nu 5 jaar. En werkten samen aan je eerste luisterboek. Hé Paula vandaag hoor ik jou. Welkom in je eigen studio.

- Ja ja, dank je wel Robert. Het is ook heel raar dat jij mij nu aankondigt terwijl in mijn programma begin ik altijd na de jingle. Haha!

R: Mooi hè. - Ja het is even wennen.

R: Laat het maar even lekker onwennig voelen, zeg ik dan maar. - Ja, oké.

R: Je bent een kind van de herfst van 62. Als buurmeisje gaf je al leiding aan Scouting en reddingsbrigade. ..ehm.. zat dat zorgen voor en leiden van, zat het er eigenlijk altijd al in?

- Ik ben wel oudste in het gezin. Maar ik weet niet of ik echt voor mijn zusjes gezorgd heb. Ik heb 2 zusjes onder mij, een tweeling. Daar heb ik nooit echt zo voor gezorgd. Maar wat ik wel van jongs af aan gedaan heb, is, als er een verjaardag was en er moest iets georganiseerd worden, dan was ik degene die het organiseerde. Ik zorgde ervoor dat er spelletjes waren. Dat alles klaarlag. Dat ik van tevoren al had bedacht: we gaan dat doen en we gaan dat doen en dat is leuk! En dan ook zorgen dat dat mogelijk was. Want dan heb je ook al die spullen nodig. En dat regelde ik allemaal. Dat heb ik van jongs af aan gedaan. Dat was ik zelf vergeten, totdat een vriendin dat onlangs tegen mij zei van: ‘maar weet jij dat jij vroeger dat deed?’ En ja, jij weet dat nog omdat dat heel bijzonder was en ik vond het heel gewoon om dat te doen of zo. Dus ik heb dat dus altijd wel gedaan.

R: Dus het zit eigenlijk al in je? - Ja.

R: En geldt dat ook voor de Scouting? - Bij Scouting was het zo dat ik zelf ..ehm.. eerst kabouter ben geweest in een... Met diezelfde vriendin dat ik meeging naar toen... padvinderij was het nog.

R: Leeftijd? - Dat was toen.... we kwamen in Vianen wonen toen ik 9 jaar was, dus ik denk dat ik met 9 of 10 jaar meeging naar de padvinderij. En dat vond ik al heel leuk om te doen. En ik weet dat ik daar ook al binnen mijn eigen clubje, want dan heb je van die kleine groepjes binnen die kabouter-groep, grote groep - dat ik daar ook al altijd dingen aan het regelen was. En liedjes maken. Haha!

R: Je lacht erbij. Ja... Komt er een liedje naar boven? Haha! - Nou, ik heb pasgeleden het boekje weer gezien van de kabouters hoe het ging en ik geloof dat ik ..ehm.. de elfjes was of zo, bij de elfjes hoorde. In ieder geval op een gegeven moment.

R: Dat is dan een groepsnaam? - Ja een groepsnaam binnen die kaboutergroep. Later is dat anders geworden, want toen was het Bambilië, een soort land, fantasieland. Maar op een gegeven moment ging ik mee op Scoutingkamp met de kabouters, omdat ik zelf toen net eentje hoger was. ..ehm.... de verkenners, maar dat heette anders bij de meisjes. (Padvindsters-red). Maar dat deed ik en toen hebben ze gevraagd: ‘wil jij leidinggeven aan een kaboutergroep?’ Toen was ik nog 15 jaar of zo. En toen ben ik al met een kaboutergroep begonnen. Toen mocht ik die al begeleiden.

R: De hele groep? - De hele groep op zaterdagmorgen. En ik ging dus al met een groep van 30 kinderen op kamp toen ik 15 jaar was en was ik de hoofdleiding. Ik snap nu nog steeds niet hoe ik dat toen ooit heb kunnen doen, maar dat was wel het geval (ha). Dus zo ben ik die hele Scouting ingerold en heb ik daar dus ook heel lang leidinggegeven.

R: Zit er ook een Pipi Langkous in je wat dat betreft? Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik kan het wel. Of kon je het eigenlijk al wel? Zat die eigenschap er wel in?

- Ja, die zal erin gezeten hebben. Dat heb ik verworven door al die dingen steeds te doen. Het is toch steeds heel veel herhalen, door elke keer die dingen te organiseren. En ik denk dat ik het altijd voor mezelf altijd wel goed georganiseerd had. Ook in mijn eigen kamer, met alle dingen die ik daar wilde regelen. Ik dacht er ook over na, als ik iets anders wilde doen: hoe ga ik dat dan doen? Ik ben nooit zomaar in het diepe gesprongen. Ik heb wel altijd van tevoren bedacht: hoe ga ik dit aanpakken? Lijstjes maken, over nadenken. Dus het is nooit zo maar... En bij de Scouting was dan weer één van de andere leidsters die toen zei van ..ehm..: ‘eigenlijk zou je naar de pedagogische academie moeten gaan’. Ik zei: ‘hoe zo?’ ‘Ja, je zou heel goed op school kunnen lesgeven.’ ‘Oh’. En toen was mijn eigen keuze natuurlijk op een gegeven moment, middelbare school, ja, even na de middelbare school, logische stap was dan toch pedagogische academie, ja.

R: Maar wel gestart dus, het vonkje, het zaadje was geplant door iemand die dat in jou zag? - Iemand die dat al noemde ja. Want ik wilde eigenlijk de technische kant op, omdat ik toen een vriendje had die heel veel in die technische kant zat. Maar toen had ik zelf al op een gegeven moment door, toen zij dat zei van 'je zou dat heel goed kunnen' dat ik wel zoiets had van ja...

R: Dat klopt. - Ja, daar heb je wel gelijk in. Ik ga dat doen.

R: Mooi. En ..ehm.. heb je ook, wat dat betreft nog iets van waarvan je zegt: hmmm, dit komt bij één van mijn ouders vandaan? - Dat heb ik me altijd afgevraagd, maar er is niemand verder in mijn familie die het onderwijs in is gegaan. Ook niet ..ehm.. het leidinggeven en zo. Nou weet ik wel, mijn vader heeft altijd wel een verantwoordelijke baan gehad, dat ie andere mensen wel moest aansturen. Maar dat heb ik nooit zo meegemaakt. Nooit bewust meegemaakt, dus ik weet het eigenlijk niet. Dus ik denk dat ik het toch zelf verworven heb en dat het wel ergens erin heeft gezeten. Maar het kan ook best zijn, mijn moeder was wel goed in het organiseren, als het gaat om het koken bijvoorbeeld, dat ze heel precies wist hoe ze dat moest doen. ..ehm.. Ze kon kleding heel goed naaien, wist ze ook precies hoe ze dat moest doen. Dus er zit wel iets van dat goed kunnen organiseren, zit er wel in. Maar ik denk dat mijn moeder te weinig mogelijkheden heeft gekregen om dat verder uit te bouwen.

R: Dat zit in die generatie ook wat meer erin hè denk ik? - Klopt, ja zij moest toch meer thuisblijven en voor de kinderen zorgen, in plaats van zelf aan het werk gaan en zo. Ja.

R: En jij hebt denk ik het geluk gehad dat de generatie waar jij uit voortkomt, dat je al in het onderwijs mocht gaan en dat als je daarna een relatie kreeg dat je niet ontslag moest nemen? - Neeeeee, gelukkig niet! Haha!

R: Want dat was 10 jaar daarvoor nog het geval hè? - Klopt ja. Ik mocht wel ..ehm.. gewoon gaan werken en samenwonen en zelfs op een katholieke school, dat kon ook allemaal, was heel gewoon. Ik heb nog wel meegemaakt, toen ik zwanger was, wilden ze niet dat ik terugkwam in een deeltijdbaan en daar heb ik nog heel veel voor gevochten, wat niet gelukt is. Dus ik kon daar ook niet blijven werken. Dat is wel een heel issue nog geweest. Echt lastig. En ik had het zelf helemaal voor elkaar. Ik had een deeltijd... iemand die dat parttime met mij wilde doen, hadden we allemaal gesprekken al over gehad, dus het was al geregeld. Maar de leiding die wilde dat toen niet en ik heb het niet voor elkaar gekregen. Dus toen... En daarom zijn we ook wel weggegaan waar we toen woonden, Maarssenbroek, dat we in Zeewolde zijn komen wonen.

R: Ja, toen al. Ja, en dat is gelukkig wel allemaal veranderd hè? - Ja ja ja.

R: Je hebt lesgegeven aan groep 1 tot en met 4, veel? - Ja, sowieso ..ehm.. ik ben begonnen in groep 3 ooit. En in groep 3, dan op een gegeven moment krijg je groep 3-4, die combinatie. Af en toe was het uitstapje naar groep 7, omdat ik daar bepaalde lessen mocht geven, ook met gym en muziek en zo, in groep 7-8. Want toen was het net groep 1 tot en met 8 geworden hè, toen ik net ging werken.

R: Daarvoor was het eerste tot en met zesde klas hè? - Ja. En had je kleuters nog. En toen kwam het net allemaal bij elkaar. En hier in Zeewolde ben ik gaan werken, in eerste instantie ook invallen groep 3 en zo, wat ik gedaan heb. En daarna heb ik een paar jaar kleuters gedaan, groep 1-2. Wat ik ook heel leuk vond! Ja.

R: Dus met kinderen werken. In die tijd ..ehm.. zijn er ook kinderen van 6 geweest die jou iets moois geleerd hebben? - Oh ongetwijfeld! Sowieso heb ik van heel veel kinderen dingen geleerd. Ik heb ze zelf natuurlijk heel veel dingen uitgelegd. Maar ik denk dat ik elke dag wel iets leerde van wat er gebeurde in zo'n klas. En dat had dan te maken, nou, wat me nu dan te binnen schiet, ik heb een meisje in de klas gehad. We zaten met z'n allen in de kring en dat meisje vond het moeilijk om gewoon stil te zitten op haar stoel. Die hing gewoon af en toe onder de stoel, die lag onder de stoel en toen dacht ik: als ik er geen aandacht aangeef, is het gewoon prima dat zij dat doet, want ze was heel betrokken bij wat ze allemaal hoorde. Maar ze wilde gewoon in beweging ook zijn! En dat leerde ik weer van dat meisje, van dat kan dus ook gewoon. Waarom niet!? Waarom zou ik haar dan moeten zeggen: je moet per se stil zitten?

R: Maar dat ben jij geweest die daar ruimte voor gegeven heeft? - Ja, ja.

R: Tegenwoordig heeft het een label; ADHD of whatever. En is het allemaal ook georganiseerd in het onderwijs. Maar jij hebt dat dus toen vanuit je eigen intuïtie opgepakt zo? - Ik heb altijd gekeken dat elk kind een uniek kind is. En dat ze allemaal op een andere manier leren. En dat heb ik van begin af aan geprobeerd om dat duidelijk te krijgen, om dat ook ..ehm.. op die manier les te kunnen geven. Maar de methodes waren er nog niet helemaal voor en zo. Op een gegeven moment, dat ik hier in Zeewolde kwam, kreeg ik veel meer die ruimte om dat wel te doen. En ik vond het heerlijk! Ik vond het heel fijn om: jij hebt extra uitleg nodig, dan ga ik het jou extra uitleggen, maar jij kan al lang aan het werk. En als jij klaar bent, ga je dat doen. Dus echt dat verschil in...

R: Daar was je vroeg bij... - ...in de manier van leren.... Ja dat vond ik geweldig om te doen! Dat betekent wel dat je altijd aan staat. En dat je wel overal alert op moet zijn wat er gebeurt in een klas. Maar dat vond ik geweldig! Vond ik écht zó leuk om doen. Ook om elk kind in zijn waarde te laten daarin.

R: Je koos erin eigenlijk ..ehm.. je eigen ..ehm.. waarheid, je eigen manier van hoe jij behandeld zou willen worden zo behandelde je de kinderen ook? - Ja, waarschijnlijk wel. Ja (ha)

R: Mooi. ((muziek ♬))

R: Dit is 'Hoor jij wat ik hoor?'. Met Paula Hijne, die vanavond of die vandaag te gast is in haar eigen programma... Naast het onderwijs was er muziek, cabaret en je eigen bedrijf Fèstéro. - Ja.

R: Hoe belangrijk was je stem en je gehoor in die bruisende tijd al voor je creativiteit? - Nou mijn stem was wel heel belangrijk, maar mijn gehoor daar wist ik nog weinig van dat het niet goed werkte. Ik heb al... In 1996 of zo ben ik begonnen met Fèstéro. Met dat bedrijf, bedrijfJE, ..ehm.. voor het geven van kinderfeestjes en omdat ik ook al in het onderwijs werkte en met kinderen was dat ook wel heel logisch om te doen. Ik vond dat heel leuk om te doen. En toen heb ik die problemen nog niet zo erg ervaren. Pas toen ik in de klas kwam, in een grote klas, groep 6-7 met 30 kinderen, daar kreeg ik op een gegeven moment problemen van dat ik niet alles meer goed kon verstaan. En ook na een dag werken ontzettend moe was!

R: Ja. Besefte je misschien toen al dat je zintuigen kwetsbaar zijn? - Zelf niet zo op die manier. Het was meer eigenlijk dat mijn moeder hoortoestellen kreeg. Zo rond 1996 - 1997. Dat ik echt zo had van: ‘hè, mam, waarom krijg je hoortoestellen?’ En toen zei ze zelf: ‘dat is genetisch.’ Dat heb ik dus vanaf mijn geboorte al. En omdat het dus aangeboren of aangeboren? Nee genetisch is, had ik echt zo van: oh, zou dat bij mij ook aan de hand kunnen zijn? En toen ben ik zelf naar het audiologisch centrum gegaan. Ik heb zelf die stap genomen. En inderdaad, ik had ook gehoorverlies. En toen zeiden zij daar al: 'oh maar dan moet je na 2 dagen werken in het onderwijs wel heel moe zijn.' Oh, ja, logisch dat is ook zo, maar nou ja, ik kreeg bevestiging van dat het klopte dat ik zo moe was na 2 dagen werken. Maar dat het kwam doordat het gehoorverlies er al zo veel was, en dat ik dat niet eens in de gaten had.

R: Ja, wat je niet hebt, weet je niet hè? Wat je vergeten bent, ben je vergeten. - Nee, daarom.

R: Dat ben je kwijt, dus het was voor jou ook een ontdekking eigenlijk? Achteraf gezien wel heel erg te verklaren. - Achteraf zeker. En dat mijn man ook zei, hij heeft mij leren kennen op de pedagogische academie, hij zei: 'maar nu snap ik waarom jij altijd zo op de leraren lette, op de docenten.' Ik zei: 'Hoezo dan?' Ja, nou ja, ik ging altijd kijken naar hoe zij aan het praten waren, want ik had dat spraakafzien heel erg nodig. Dat woord kende ik toen nog niet.

R: Hoe noemde je dit? - Spraakafzien.

R: Spraakaffien?- AfZien.

R: Afzien, ach afZien! - Het is geen liplezen, maar het is spraakafzien, omdat het hele gezicht meedoet verder. Het is niet alleen maar de lippen die het doen, maar ook de ogen, alles. En dat heb ik mijn hele leven al gedaan, omdat ik dus dat zicht nodig had van ..ehm.. de mensen om ze goed te kunnen verstaan.

R: Om de context te pakken? - Ja.

R: Op die manier. Theater, was het ook misschien een uitlaatklep voor de wat meer serieuze kant van het onderwijs? - Nee, nou nee, nou weet ik niet, misschien ook wel, ik weet het eigenlijk niet. Dat was ook toen wij in Zeewolde kwamen wonen, heb ik hier het oogstfeest cabaret gezien. En dat vond ik zó gaaf om te zien! Dat het jaar daarop dat we hier... toen woonden we hier, dat ik heb gezegd: 'ik wil meedoen.' Toen ben ik mee gaan doen met het oogstfeest-cabaret. Tijdens dat eerste cabaret kreeg ik al de taak om mee te gaan denken voor het lichtplan. En toen heb ik het hele lichtplan bedacht. Voor dat hele oogstfeest-gebeuren. Terwijl ik zelf ook op het podium stond. En het jaar daarop ben ik gaan regisseren en dan ben je ineens op een hele andere manier alweer bezig met theater maken. Wat ik van tevoren nooit bedacht had dat ik dat zou gaan doen! Maar het is zo gelopen en toen mocht ik dus regisseren, samen met Wim Sprick. We hebben het een paar jaar gedaan. Ja, ik vond dat geweldig om te doen. Om van niets een heel mooi iets neer te zetten waar heel veel mensen uit Zeewolde kwamen kijken. Het was een groot begrip in Zeewolde. En dat was dan 2 avonden, dat daar dus een hele mooie voorstelling neergezet werd.

R: Wauw! - En daar droeg ik mijn steentje aan bij vanuit de regiekant om alles in goede banen zo te leiden.

R: Met name de regie of ook de ..ehm.. zeg maar de creatieve kant daarvan? ..ehm.. wat gaan we doen, hoe gaan we het doen? - Ja, de teksten werden wel door andere mensen gemaakt en daar hebben we zelf dan als regisseurs in meegedacht. Maar die kregen we eigenlijk aangeleverd, maar wij maakten zelf wel het hele programma. Van wat is de volgorde en voor wie, wie gaat wat doen en op welke manier moeten ze dat dan gaan brengen?

R: Samenstelling en regie zou je zeggen eigenlijk, ja? Was het een geëngageerd cabaret? - Wat bedoel je daarmee?

R: Geëngageerd in de zin van ..ehm.. protesten ..ehm.. kritisch?- Ja, ook.

R: Die elementen die je vaak in het jongerencabaret ziet zeg maar. - Ja, zat er ook zeker in. Ook over de burgemeester en over de dingen die gebeurden in het dorp. Ja, zeker.

R: Ja. Precies. Dat past daar ook wel bij die vorm denk ik hè? Wel grappig dat je in die cabarettijd ook alweer eigenlijk een stuk regie pakte, kon krijgen, kreeg. Dat viel op zijn plaats. Heb je dat in de onderwijssituatie ook gehad? Dat je de kans geboden werd om meer in de regierol te gaan zitten, dan in het lesgeven zelf? - Ik heb één keer, dat ik zelf een andere leerkracht ging begeleiden en dat was... werkplekondersteuner werd ik. Dan ging ik diegene coachen. Ik gaf toen zelf geen les dat jaar en ik mocht haar heel erg begeleiden in alles wat nodig was. En dat vond ik geweldig om te doen. Dus dat heb ik toen wel gedaan, want toen leerde ik ook coachen, van wat is dat precies. Wat is dan de manier van vragen stellen, hoe doe je dat? In plaats van alleen maar uitleggen, je hebt dat fout gedaan, dus je moet het zo en zo doen. Maar meer dat je dat vanuit de vraagstelling doet, van hé je hebt dat gedaan, hoe ging dat dan en wat vond je er zelf van? Hoe zou je het anders kunnen doen als het niet liep en zo. Dat je dat bij de ander neerlegde, dat vond ik heel leuk. Ik heb wel het onderwijstoneel, ben ik ook aan mee gaan doen toen, en ook weer na een jaar dat ze zeiden van: wil je gaan regisseren, dus het is elke keer weer op mijn pad gekomen om veel meer die leiding daarin te gaan geven ..ehm.. te nemen.

R: Ja precies, en niet zo zeer ..ehm.. de baas zijn, maar het vorm helpen geven. - Ja.

R: Is dat het? Zorgen dat het goed gaat? Dat het klopt? - Ja, die spin in het web. De spin in het web om alles in goede banen te leiden en goed op te letten dat de mensen de juiste rol hebben en allemaal tot zijn recht komen ook. Dat iedereen tot zijn recht komt. Dat vind ik heel mooi om dat voor mekaar te krijgen.

R: Dat is misschien wel de kern erachter? - Ja.

R: Is de Paula die we nu op de radio horen ook een beetje de theatermaker die een podium heeft gevonden, of is het gewoon ook die authentieke zelf waar we het net over hadden?

- De... Het radio... een programma maken is meer dat ik toch heel nieuwsgierig ben naar andere mensen en dan heb je het ook over de kunst van het vragen stellen. Dat ik het heel leuk vind om vragen te stellen. En dan zo dat de ander uitgedaagd wordt om, ja nog iets meer te vertellen dan wat ze altijd verteld hadden of zo.

R: Het standaardverhaaltje hè? - Ja, ja dat vind ik heel leuk om te doen. Het is ook de nieuwsgierigheid naar de ander en ook de nieuwsgierigheid naar het onderwerp, want ik kies altijd die mensen uit waarbij ik dan wil weten van wie ben jij, maar ook wat je nu doet, hoe ben je daartoe gekomen? En die weg er naartoe en hoe doe je dat dan ook nu? Vind ik allemaal heel interessant en dan maakt het niet uit welk onderwerp het is... Ja. Vind ik heel leuk (ha)

R: Ik zie het aan je. - Haha! Haha!

R: Voor de mensen die, zeg maar, zouden willen dat het visual radio was, ze staat stralend te lachen terwijl ze dit vertelt. Dus dat klopt ook wel aardig... Mooi! Jouw creativiteit zit zeker in je bloed Paula. Of het nu theater is of een goed gekozen plaat de radio? ((muziek ♬))

'Hoor jij wat ik hoor?'. Een programma over horen in de breedste zin van het woord. Iedere zondagavond op LOZ.

R: Paula je bent geboren dus, heb je net verteld, met een gehoorverlies. Of een aanleg tot gehoorverlies. Met een ingewikkelde naam, maakt allemaal niet uit hè, denk ik. Maar in 2006 kwam er nog iets bij, de ziekte van Ménière. - Ja, en dat gehoorverlies heb ik mijn hele leven al gehad. In 2000 kreeg ik tinnitus. En dat was dus geluid in mijn oren, waarbij ik niet wist wat dat was. Dat bleek dus een naam te hebben. Dat werd steeds luider. En in 2006 ging ik terug naar het audiologisch centrum en daar heb ik gezegd van: die tinnitus en dat gehoorverlies, ik heb daar zo veel last van, het is heel zwaar in het onderwijs. Ik kan de kinderen niet meer verstaan. Is er nou echt niets wat jullie voor mij kunnen doen. Toen zeiden ze daar van: ‘ga maar beginnen met hoorapparaten.’ Toen ben ik hoortoestellen gaan dragen en, ik denk dat ik die 1 of 2 weken in had en toen ging ik letterlijk onderuit. Het was een aanval van draaiduizeligheid en die kreeg ik elke keer als ik die hoortoestellen weer in had. Dus er was een relatie met dat te veel aan geluid op mijn hele systeem, dat ik dat niet kon handelen. En die draaiduizeligheid, op de manier waarop dat ook, met druk op je oren, hoe dat ontstaat en dat de tinnitus nog steeds luider wordt. Was heel duidelijk: dat past bij de ziekte van Ménière. En daar heb ik dus de diagnose ook gekregen van de kno-arts, die had echt zoiets van: ja dit is typisch zoals jij het vertelt hoe het verloopt... Zo heet dat: Ménière. En toen ben ik uitgevallen in 2006.

R: Toen had het een naam? - Ja, toen had het een naam.

R: En je viel uit? - Ik viel uit, ik kon niet meer werken in het onderwijs, omdat ik tussen die aanvallen van draaiduizeligheid, heel erg instabiel bleef. Ik kon nog wel lopen, maar dan met steun en zo. En ook ..ehm.., ja, je bent dan zó op en ook moe en zo. Het werkte gewoon allemaal niet meer. En in het onderwijs moet je 'aan' staan. Moet je elke keer erbij zijn. Het lukte niet. En toen stond echt even alles stil. Ik zeg wel eens: ik had een volle agenda daarvoor en ineens had ik een lege agenda. Nu is het niet heel vreemd, want nu met covid hebben een heleboel mensen een lege agenda gehad. Maar voor mij toen, was dat helemaal nieuw. Een lege agenda en ik heb ook maanden niks kunnen doen. Ik zeg ook wel eens van een soort winterslaap heb ik gehad, dat ik even helemaal geen sociale contacten, nergens naartoe. Even helemaal in mezelf.

R: De Paula die we hiervoor ook beschreven, die neemt de regie, die ordent, die heeft controle, die stuurt... ..ehm.. dat was je kwijt? - Dat was toen even helemaal niet. Nee...

R: Dat contrast... lijkt me heel groot? - Klopt, ik noem het ook... Dat is het kantelpunt in mijn leven geweest. En wat mij dan toch nog op de been heeft gehouden, is, dat ik in een heel fijn huis woonde met een heerlijk gezin, met, ik heb allemaal mannen in huis, die hebben voor mij gezorgd in die periode en dat is ja, daar ben ik nog zó dankbaar voor. Zij hebben mij geholpen om het te doorstaan. Ik mocht ook van hun ziek zijn op de een op andere manier. Ze hebben toen zo voor mij gezorgd, dat ik echt ja, gewoon in dat coconnetje kon blijven zitten. En op het moment dat ik weer wel dingen kon doen, lieten ze mij dat ook weer doen. Hadden ze niet zo van: ‘kom op mam, dat doen wij wel.’ Nee, lieten ze mij gewoon lekker mijn gang daarin gaan. En heel langzaamaan, letterlijk stapje voor stapje, ben ik weer opgekrabbeld en heel langzaam weer, ja de wereld in getrokken... Alleen niet meer het onderwijs in. Dat lukte niet meer. Heb ik wel geprobeerd, nee!

R: En dan? - Ja, dan is dat ..ehm.. heel verdrietig, omdat je heel graag in het onderwijs wilde werken en met kinderen wil werken. Dat heb ik mijn hele leven gedaan! Wat dan!? Ik ben toen wel een re-integratie-traject gaan doen. Dat heeft mij geholpen. En wat mij ook geholpen heeft... ik heb hier een hele grote poster neergelegd in de studio - je hebt het gezien. Dat was in het Gronings museum, daar was een tentoonstelling van schilderijen van sprookjes, geschilderd door Russische kunstenaars. En dit is een schilderij van de vuurvogel. Een grote -het was 5 bij 10 meter of zo- en dat heb ik zien hangen. En ik kijk daarnaar en mijn mond viel open van verbazing, want dat zei mijn zoon. Die zei van: 'mam, je mond staat open, wat is er aan de hand?' Maar ik was zó onder de indruk en ik begreep niet waarom. En pas later heb ik beseft wat dat schilderij, wat dat beeld met mij gedaan had! Ik ben op reis en ik weet nog niet waarnaartoe. En het is een vliegend tapijt, het wiebelt alle kanten op. En het is een vuurvogel, deze man houdt een vuurvogel vast. En een vuurvogel is de feniks die rijst op uit zijn as. Dat is mijn leven op dit moment! Ik ben die vuurvogel, maar ik ben ook die man die op dat schilderij staat... ..ehm.. op het tapijt staat, dat heel erg aan het wiebelen is en dat vliegt door de lucht! En ik weet niet waar ik neer ga komen. Maar ik ben op reis, ik ben ergens op weg naartoe. En er zijn 3 uilen die meevliegen en die uilen staan een beetje voor die wijsheid. Ik neem die wijsheid, die ik mijn leven al heb opgedaan, die neem ik mee! Dat hoef ik niet kwijt te raken. Dus dat neem ik mee en ik zie wel waar ik uit kom! Nou, dat heeft mij zó geholpen door één zo'n beeld. Zo'n sleutelmoment is dat geweest en die sleutelmomenten zijn vaker gebeurd daarna. En die heb ik herkend en ook uiteindelijk iets meegedaan. Ik kwam elke keer een stapje verder.

R: Ja, je stond ervoor open. En je zag het ook. Maar daardoor kreeg het ook woorden voor je, of in dit geval kreeg het een beeld voor je. Een heel compleet beeld ook. Je bent dus naast al je woordkunstenarijen, ben je ook best wel beeldend ingesteld denk ik? - Nou dat zeker, het is de combinatie daarvan, ja. Het is beeldend en ..ehm.. dat ik op de fiets zit en dat ik wegga op school, dat ik de kinderen nog even gedag zwaai en dat ik fiets daar en dat ik ineens heb van: maar stel dat ik niet meer in het onderwijs werk en niet meer met kinderen? En toen ging er een soort zware jas viel van me af en ik fietste daar en de zon ging schijnen, en aaaah, toen dacht ik echt zo van: maar dan zijn er ook nog een heleboel andere dingen die ik kan gaan doen!! Dat heeft toen ook.. dat is ook zo'n sleutelmoment geweest. En ik weet ook nog precies waar het was. Het was daar bij de Zevenster, langs de kinderboerderij, waar ik fietste, toen dat gebeurde en elke keer als ik daar nu nog fiets, denk ik aan dat moment. En dat heeft me zó geholpen om dus mogelijkheden te gaan zien in plaats van dus de onmogelijkheden en het vastzetten.

R: Uit eigen kracht kennelijk? - Ja wel met behulp van de mensen dus om me heen die mij de kans hebben gegeven...

R: Maar ik zoom even in, je zit op die fiets en je realiseert je opeens: ik heb voor de laatste keer naar ze gezwaaid, mentaal gezien... - Ja, dat is wat ik later pas realiseerde. Het zou zelfs kunnen zijn dat die kinderen helemaal niet gezwaaid hebben, dat weet ik dus niet zeker. Ik zeg altijd, ze hebben gezwaaid, maar het zou kunnen dat ze niet zwaaiden en dat ik echt zo had van: dit is klaar! Dat is zoiets bijzonders! Dus, ja, ja... pas later herken je dat dat een sleutelmoment is geweest.

R: Als je dat, als je daar jezelf in kan coachen is dat een rijke eigenschap denk ik. Want het is klassiek natuurlijk voor mensen die bijvoorbeeld in een arbeidssituatie staan of in een relatie voor grote problemen komen te staan, dat er altijd gezegd wordt 'maar het is ook een kans voor verandering’ en een uitgesleten woord: opportunities. Maar eigenlijk heb jij dit vanuit jezelf, vanuit je eigen kracht opgepakt en gezien. - Ja, dat gebeurde zo. Het is me overkomen of zo, omdat ik dat ook toeliet, denk ik. Ook omdat ik wel wist dat het aan mij is om de volgende stappen te gaan zetten. Dat niemand anders dat voor mij kan doen. Ik ben wel geholpen uiteindelijk om die stappen ook daadwerkelijk te gaan zetten. Want uiteindelijk ben ik gaan coachen. Daar heb ik wel ..ehm.. ja door iemand... de coach die ik toen had die zei: 'ik heb wel een cliënt voor je. Hier hop ga maar.' Toen ben ik echt in het diepe gegooid. Dat was de eerste keer in mijn leven dat ik iets ging doen...

R: Maar wel weer gecontroleerd? - Tuurlijk, want ik ging me natuurlijk wel voorbereiden en (haha)...

R: Ja, je hebt het uitgelegd, ik ga niet zomaar het diepe in. - Nee dat klopt. Maar die heeft mij wel de mogelijkheid gegeven en ook dat er dus steeds meer nieuwe cliënten kwamen. En ik ben zelf de opleiding wel gaan doen om toch beter die finesses van dat coachen te leren. Waarbij ik al ontdekte dat ik zelf al heel veel in huis had. Dat was ook wel heel mooi.

R: En je had weer regie? - En ik had natuurlijk, ja natuurlijk (haha).

R: Ja muziek kan troost bieden en hè, de muziek kan ook zo af en toe eens helemaal stilvallen, zoals je hebt meegemaakt. Dat is allemaal gebeurd toen je wereld begon te draaien. (muziek ♬ Ook in de avonden is LOZ het beluisteren meer dan waard. Met programma’s als, Onbekend-onbemind, Van eigen bodem, het café ven Niels en Simon, Black en Blues, 'Hoor jij wat ik hoor?' en Hits met Frits maken we jouw avonden tot een muzikaal feestje. Dus haal die videodiensten, saaie praatprogramma's op tv, steeds dezelfde koppen op je scherm, in de vuilnisbak ermee en gewoon ouderwets de radio aan. LOZ ook in de avond op kabel en op 106.4 FM).

R: Paula, tijdens de re-integratie waar we het over hadden, ontdekte je dat je mensen wel wilde activeren en versterken. Waarom wilde je eigenlijk anderen gaan coachen, terwijl je zelf misschien nog in jee eigen herstel zat? …- Ja, het is niet eens de waarom-vraag, het is gebeurd. En het was niet dat ik dat zo bewust koos, het was een soort logische stap die ik ging doen. Ik werd zelf gecoacht in mijn re-integratie-traject, dus ik wist zelf een beetje op wat voor een manier het zou kunnen gaan. En toen ik dus die eerste cliënt kreeg, ben ik zelf ook met die persoon aan de gang gegaan. En ik had al heel gauw door dat ik al veel meer stappen verder was, dan die persoon was. Dus je kunt daardoor ook wel ..ehm.. de vragen stellen en tegelijkertijd ook invoelen hoe moeilijk het is om die stappen te zetten. En heel langzaamaan, ja doordat elke keer maar te doen bij andere cliënten, kom je zelf steeds meer stapjes verder. Dus elke cliënt heeft mij ook weer iets geleerd. Wat je net zei met die kinderen, dat heb ik ook dat ik van elke cliënt iets leer.

R: Hmm, wat mooi. Dus je ziet het proces en eigenlijk je beheert het coachingsproces, je zit daar niet maar wat te doen, maar je bent eigenlijk vrij bewust, maar niet gestuurd ben je bezig in dat coachingsproces, want je ziet logischerwijs de volgende afslagen zie je al komen voordat je er bent. En dat en dat besef helpt je om ook te zeggen waar bij welke afslag sta ik nu eigenlijk. Of waar ben ik geweest? - Ja, sowieso waar ik ben geweest. En dan vervolgens waar ik verder in, ja juist door alles wat ik leer, kom ik zelf elke keer weer stapjes verder. Dus ik blijf die cliënt wel steeds voor in het hele proces. Dat is in het begin zeker zo geweest. En nu, als cliënten komen, dan is het zelfs zo dat ik met een hele open blik, eigenlijk niet wetend, ik weet helemaal niets over jou, ik heb geen idee welke kant we op gaan en dan ga ik op die manier luisteren en dat vind ik zelf ook wel heel mooi dat dat nu lukt. Coachen met een leeg hoofd noem ik dat dan ook wel. Er zit niks in mijn hoofd van we moeten dat en we moeten dat. Gewoon afwachten, jij hebt dit nu nodig. Ik stel nu de vraag, antwoord, antwoord en dan komt een soort vervolgvraag, waarvan ik van tevoren had bedacht dat ik die vraag zou gaan stellen. Die komt vanzelf!

R: Ja, en dat, dat is natuurlijk voor een coach ontzettend belangrijk om niet in te rol te zitten: ik weet wel wat jouw probleem is en ik ga jou die kant wel even opduwen. Dat is ongeveer de grootste valkuil die er is hè? - Ja, dan ben je een soort adviseur.

R: Ja...- En dat ben ik niet.

R: Nee. En je biedt een oplossing hè! En nou, dus die aspecten. Maar het is eigenlijk wel mooi dat je dat, dat je dat ook, zeg maar, met een schone lei doet. En dat die volgende vraag zich toch door de structuur, want je bent een gestructureerd mens, dat die zich toch aandient.

- En die komt vanzelf ja. Zonder dat ik dat ergens op papier heb staan. Door goed te luisteren, door goed te kijken wat er gebeurt bij die ander en daar dan op in te springen. En dan kom je juist op dingen, en dan zeg ik ook wel eens dingen waarbij de cliënt later zegt: ja je hebt toen dat en dat gezegd... Weet ik zelf helemaal niks meer van, want dat floept er dan uit op de een of andere manier, wat de ander zó kan helpen. En dan denk ik, ja zo werkt het. Ik hoef helemaal geen moeite te doen.Eh… Ik hoef alleen maar aanwezig te zijn bij die ander, en te luisteren, te kijken en daarop in te springen. Meer is het niet, maar dat is heel moeilijk om het los te laten als de dat niet kan. Als je per se die tips wil en per se advies wil geven en per se wil dat die ander dus in beweging komt. Nee, het is écht op een andere manier met mensen bezig zijn.

R: Ja, dus heel veel ruimte geven? - Ja.

R: Maar wel, zeg maar, de richting helpen bepalen, dus zeg maar niet dwingend maar wel een beetje sturen? - Ja, prikkelen. Een beetje prikkelen door de vraag zó te stellen dat de ander zelf weer gaat nadenken wat hij verder kan. En als hij dan aan mij vraagt van: oké maar hoe zou ik dat dan kunnen doen? Dan ga ik ook vanuit mijn eigenlijk mijn intuïtie, als je dit vraagt dan komt dit als eerste bij me op. Dan wil ik wel eens dingen aangeven natuurlijk. Want die tips kunnen heel helpend zijn. En ja, dat gebeurt ook. Maar dat is echt wanneer de ander dat ook aangeeft, dat hij dat nodig heeft.

R: De vraag komt eerst. - Ja. Ja.

R: Was het helpen van anderen ook nog, toch weer ergens achteraf gezien een stuk jezelf terugvinden? Of is die zelf er altijd wel geweest? - Die zelf is, nou die was ik natuurlijk wel even kwijtgeraakt, in die maanden dat ik écht stil stond, dat ik echt niet wist welke kant ik op moest. En dan, ja, ik zeg wel eens de tafel die heeft allemaal fundamenten. Al die fundamenten waren even weggehaald en ik mocht er nieuwe fundamenten eronder zetten. Dat zijn echt andere tafelpoten geworden. En zo ben ik wel weer opgekrabbeld.

R: Ja. - Ja, dat beeld zie ik dan altijd zo voor me. (haha)

R: Dat is een positief beeld. Je noemt je ervaringen... noem je zelf geen last maar een schat? - Een schat aan ervaringen ja.

R: Is er een belangrijkste les uit die schatkist die je vandaag aan de luisteraars wilt meegeven? - Een belangrijke les? Ja, die vraag had je van tevoren even moeten zeggen... Dan wil je dat ik nu meteen antwoord geef?

R: Haha! - Dat is nog best lastig om er één les uit te halen, want het zijn heel veel lessen. Ik heb net een paar dingen genoemd door open te gaan kijken naar beelden. Door naar schilderijen, naar muziek. Alles kan helpend daarin zijn. En dat gaan herkennen en daar dus ook iets mee doen. Op het moment dat jou iets aangereikt wordt, dat je dan ook bij jezelf denkt van: wat kan ik hiermee? Wat, wat ..ehm.. hoe kan het dit, mij een stapje verder brengen? Misschien is dat wel de les. Van ..ehm.. kijk met een open blik en zie wat er op je af komt. In plaats van in een slachtofferrol zitten, maar meer met een open mind zo van: oh, ja, en dan wel die mogelijkheden blijven zien. Want dat is misschien mijn optimisme wat ook in mij zit, dat weet ik niet.

R: Dat is wel een kracht in ieder geval. - Ja.

R: En het is een positieve kracht hè? Dus in die zin, dus mensen die... misschien is dat dan wat je mensen zou kunnen meegeven of willen meegeven, kijken of je dat kan vinden in jezelf. Om er op die manier naar te kijken. - Ja, sowieso ja. Kijk naar de mogelijkheden. Dat is meer ook dat je als je weet wat je grenzen zijn, dan zijn er ook altijd andere grenzen die openen. Dat je dat ook voor ogen houdt, dan. Ja.

R: Had je die, als je die terugkijkt naar die Paula van 2006, had je die ..ehm.. toen al een schat willen meegeven? …Om haar weg wat makkelijker te maken? - Ja, nou, wat ik, wat ik dus gemist heb is dat ik iets in handen kreeg, een soort handreiking van iemand, die mij verder kon helpen. Die handreiking heb ik toen nooit gevonden. Niet in 2006, niet in 2007. Dat heeft jaren geduurd. En ik heb het eigenlijk toen nog steeds niet gevonden. Ik ben het zelf gaan schrijven. En toen ben ik begonnen met boeken schrijven. En met het eerste boek schrijven, moest ik dat hele proces duidelijk maken voor mezelf, helder maken en toen had ik op een gegeven moment, toen het boek af was, had ik een handreiking in handen die ik zelf had willen lezen op het moment dat ik toen zo diep in de put zat, dus even helemaal niks kon. En dus die handreiking heb ik toen gemist en die had ik heel graag willen hebben.

R: Hoe zou zo'n handreiking eruit kunnen zien als je dat veralgemeniseert? Hè, want dit was jouw handreiking die jij nodig had, maar als je dat algemeen probeert te maken, wat... hoe zou zo'n handreiking er dan uit kunnen zien? Wat zou een ander kunnen doen om die vorm van handreiking te krijgen? - Sowieso dat de mensen die jou begeleiden, en dit geval ook artsen, begeleiders, audiciens, audiologen, dat die dan jou naar de juiste weg kunnen sturen. Van je zou daar kunnen kijken, je zou daar informatie kunnen vinden, daar. Veel meer zoekend naar ..ehm..... veel meer een tip kunnen geven, ja.

R: Ja. - Dat die mensen dat doen zodat jij kan kiezen, hé dat past bij mij en daar wil ik meer over weten en ik wil het op die manier verwerven. Door lezen, door luisteren.

R: In plaats van in die vorm te zetten van wat je aan het doen bent samen, dat audiologen dat onderzoeken en dat dus dat meer naar voren komt. - Ja.

R: Van een diep dal naar een nieuwe weg als coach. - Ja.

(Abrupt einde. In de radio-uitzending volgt dan de muziek als afsluiting-red).


Over Evenwicht, je leven

Evenwicht, je leven

De podcast over het zintuig evenwicht. 


Ervaringen en informatie over ons zintuig evenwicht.

De evenwichtsorganen in ons binnenoor zijn onderdeel van een complex evenwichtssysteem, waardoor we alles kunnen doen wat we doen. Elke actie is namelijk mogelijk door dit bijzondere zintuig evenwicht. 

In deze podcast komt ook het psychisch evenwicht aan bod.

Kortom, evenwicht in de breedste zin van het woord. 


'Evenwicht, je leven' is de podcast van Paula Hijne. Zij is auteur van het boek 'Evenwicht in uitvoering, hoe ons evenwicht werkt'.


https://evenwichtinuitvoering.nl/

Luister via ...