Bij het afrekenen via de zelfscankassa in een supermarkt krijgt een vrouw een steekproef controle. Na de controle richt de supermarktmedewerker zich tot haar 12-jarige zoon met de vraag: “Waar is de andere zak snoep gebleven?”
De moeder vermoedt dat haar zoon, vierde generatie Turkse Nederlander, vanwege zijn uiterlijk wordt verdacht van diefstal en dient een klacht in bij het College.
De supermarkt ontkent dat en stelt dat er sprake was van een concrete aanleiding, niet van discriminatie. Hoe bepaal je of afkomst een rol speelt in zo’n situatie? En wanneer is er sprake van etnisch profileren?
Lees hier het volledige oordeel
Lees hier het transcript van deze aflevering
Bezoek de website van het College voor de Rechten van de Mens