Na de psalmen komen de wijze spreuken. Het is alsof God ons hier de wijsheid van de vorige generaties doorgeeft. Het boek staat vol met adviezen over hoe we ons leven moeten leiden. Maar het is belangrijk om je te realiseren dat spreuken en gezegden ‘algemene waarheden’ zijn.
Wij zeggen bijvoorbeeld, ‘Als er één schaap over de dam is, volgen er meer’. Toch zou het kunnen dat je een keer een schaap de weg over ziet steken, terwijl zijn makkers blijven grazen waar ze staan. En niet iedere boer zal zijn put dempen als het kalf is verdronken.
Zo is het met de spreuken in het gelijknamige Bijbelboek ook. Er staat bijvoorbeeld, ‘Wie te vaak feestviert, zal gebrek lijden. Wie te veel van eten en drinken houdt, wordt nooit rijk’. De waarschuwing is dat je niet al je geld moet uitgeven aan feesten, eten en drinken. Dat is niet verstandig. Toch zijn er genoeg mensen die alleen leven voor hun eigen genot zonder dat ze failliet gaan.
Niet volgens plan
Als je je houdt aan Gods Woord zal het je goed gaan. Dat is de algemene waarheid. Maar het loopt niet altijd volgens plan. We leven in een gebroken wereld. De wijsheidsboeken zijn zich bewust van die tegenstelling. We zagen natuurlijk al de rechtvaardige Job in een geloofscrisis terechtkomen en God gaf niet aan waarom dat nodig was, waarom zijn dienaar zo moest lijden. Het is daarom raadzaam om je aan de wijsheid in Spreuken te houden, maar garanties voor een zorgeloos leven biedt het niet.
Spreuken begint met een korte introductie waarin de Bijbel zegt dat Salomo dit boek heeft geschreven. Waarschijnlijk herinner je je het verhaal uit Koningen wel waarin God aan de kersverse koning vraagt wat hij eigenlijk wil hebben. Salomo kiest wijsheid. Het is dan ook niet gek dat hij verantwoordelijk is voor een groot deel van de spreuken in de Bijbel. Maar niet allemaal.
Waarom wordt Salomo dan de auteur genoemd? Omdat hij de meest wijze man op aarde was in de oudheid. Hij is het boegbeeld van de Joodse wijsheidsliteratuur.
Opvallend is ook dat Spreuken niet alleen maar bestaat uit korte gezegden en one-liners. De eerste zeven hoofdstukken bijvoorbeeld zijn geschreven in de vorm van een vader die zijn zoon toespreekt. Hij waarschuwt hem zich niet in te laten met zondaars, maar juist wijsheid te tonen. De wijsheid waar de Bijbel het over heeft, is veel meer dan kennis hebben van iets. Bijbelse wijsheid betekent dat je de kennis toepast. Je doet goed, mijdt het kwaad en je vreest God.
‘God vrezen’ is ook een typische uitdrukking die voor misverstanden kan zorgen. Veel mensen denken dat je dus bang moet zijn voor God. Dat is niet wat hier wordt bedoeld. Als je God ‘vreest’, heb je juist ontzag voor Hem. Je plaatst Hem boven jou. Je beseft dat niet jouw definitie van goed en kwaad waar is, maar dat God bepaalt wat goed en kwaad is. Je houdt je aan Zijn waarden en normen.
Daarom onderwijst de vader zijn zoon bijvoorbeeld ook over lichtzinnige vrouwen, die je niet moet bezoeken omdat je wel eens voor de verleiding zou kunnen vallen. In plaats daarvan kun je beter trouw blijven aan je eigen vrouw.
In hoofdstuk acht en negen komt plotseling ‘Vrouwe Wijsheid’ aan het woord. ‘Stel mijn lessen boven zilver, mijn kennis boven zuiver goud’, zegt ze. Vrouwe Wijsheid lijkt in veel opzichten op Jezus, want ook zij haat trots en hoogmoed, leugens en kwaad. Vorsten heersen dankzij haar. Bovendien, aan het begin van de schepping, werd eerst zij - Wijsheid - geschapen. Er is ook een ‘Vrouwe Dwaasheid’, waarover Wijsheid zegt: ‘Ze bazelt maar. Door haar domheid heeft ze nergens weet van.’
Dan komt een bonte verzameling spreuken over verschillende gebieden van het leven: familie, werk, vriendschap, seks, huwelijk, geld, woede, vergeving, alcohol, schulden, et cetera. Er zitten mooie pareltjes tussen, zoals:
Als azijn voor de tanden, als rook voor de ogen, zo is een luiaard voor zijn meester.
Wie zijn medemens kleineert, heeft geen verstand, iemand met inzicht zwijgt.
Wie vertrouwt op zijn rijkdom is een blad dat valt, een rechtvaardige komt tot bloei.
Andere zijn ronduit grappig. Bijvoorbeeld: ‘Je kunt beter in een hoekje op het dak wonen dan in één huis met een vrouw die ruzie zoekt’ of ‘Wie zijn buurman ‘s ochtends luid begroet, wekt de indruk dat hij hem wil vervloeken’.
Agur ontdekt wijsheid
De laatste twee hoofdstukken van Spreuken zijn weer een verzameling gedichten. De eerste is van een man genaamd Agur, over wie we verder niets weten. Deze Agur bekent dat hij zelfs niets weet en niet over wijsheid beschikt. Dan ontdekt hij dat die wijsheid wel te vinden is in Gods Woord en hij vraagt de Heer om hem die wijsheid te schenken. Eigenlijk moeten wij als Agur zijn, is de impliciete boodschap. Ook wij kunnen wijs worden door Gods Woord te bestuderen.
De laatste gedichten zijn toegeschreven aan Lemuel, een koning die niet bij Israël hoort. Hij deelt de wijze lessen van zijn moeder over wat het betekent om een goede, rechtvaardige leider te zijn. Het laatste gedicht is weer een ‘alfabet-gedicht’ waarbij elk vers begint met een letter van het Hebreeuwse alfabet. Het is een lofzang op de wijze vrouw. Zij vertrouwt op Gods wijsheid en vertaalt dat naar het dagelijks leven.
En zo is Spreuken ook weer rond. Het begon met een vader die zijn zoon advies geeft om te luisteren naar Vrouwe Wijsheid en eindigt met een moeder die haar zoon vertelt over een wijze vrouw. Spreuken bevat dus advies voor iedereen in elke fase van het leven.